Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/2.5.0:Inleiding
Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (VDHI nr. 120) 2014/2.5.0
Inleiding
Documentgegevens:
mr. J. Barneveld, datum 18-09-2013
- Datum
18-09-2013
- Auteur
mr. J. Barneveld
- JCDI
JCDI:ADS409126:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kaplan en Strömberg 2009, p. 124 stellen dat LBO’s worden gefinancierd met 60 tot 90 procent vreemd vermogen.
De term ‘private equity-investeerder’ is overigens minder oud dan de LBO. Tijdens de eerste LBOgolf werden de investeerders aangemerkt als LBO- firms of – in minder positieve termen – als corporate raiders.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een in de praktijk veel toegepaste financieringsstructuur waarbij in een hoge mate gebruik wordt gemaakt van schuldfinanciering is de leveraged buyout (LBO). Een LBO is een hoofdzakelijk met vreemd vermogen gefinancierde overname, waarbij de overnameschuld ten laste van het doelwit wordt gebracht.1 Oorspronkelijk werd de LBO gebruikt voor de uitkoop van aandeelhouders in besloten verhoudingen, als de toetredende aandeelhouder niet in staat was om zelfstandig de overnamesom te financieren. Sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw maken vooral professionele investeerders – in het bijzonder private equity-partijen – gebruik van de LBOstructuur om (private of beursgenoteerde) vennootschappen over te nemen.2