NJ 2024/356
Ontoereikende verwerping beroep op vormverzuim; toewijzing vorderingen benadeelde partijen ontoereikend gemotiveerd.
HR 23-04-2024, ECLI:NL:HR:2024:646, m.nt. J.M. Reijntjes en J.L. Smeehuijzen
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 april 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/04692
- Conclusie
plv. A-G mr. M.E. van Wees
- Noot
J.M. Reijntjes en J.L. Smeehuijzen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS993228:1
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Politierecht / Bevoegdheden
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:646, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑04‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:154, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 13‑02‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 10‑05‑2023
- Wetingang
Essentie
1. Oordeel dat het door de politie ensceneren van een dreiging voor de veiligheid van verdachte, zijn zus en zijn partner, geen vormverzuim oplevert en voldoet aan de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit is onvoldoende gemotiveerd.
2. Toewijzing vorderingen benadeelde partijen voor wat betreft vergoeding van schade door gederfd levensonderhoud, ontoereikend gemotiveerd.
3. Gedragingen van de verdachte na het feit die losstaan van het plegen van het feit en de confrontatie met dit feit of de gevolgen daarvan, kunnen niet worden aangemerkt als omstandigheden die relevant zijn voor het (als gevolg daarvan) ontstaan van schokschade.