Een juridisch onderzoek naar de representativiteit van vakbonden in het arbeidsvoorwaardenoverleg
Einde inhoudsopgave
Een juridisch onderzoek naar de representativiteit van vakbonden in het arbeidsvoorwaardenoverleg (MSR nr. 74) 2019/10.2:10.2 Aanbevelingen
Een juridisch onderzoek naar de representativiteit van vakbonden in het arbeidsvoorwaardenoverleg (MSR nr. 74) 2019/10.2
10.2 Aanbevelingen
Documentgegevens:
Mr. N. Jansen, datum 01-11-2018
- Datum
01-11-2018
- Auteur
Mr. N. Jansen
- JCDI
JCDI:ADS399434:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Arbeidsrecht / Collectief arbeidsrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hieronder volgt een overzicht van de concrete aanbevelingen die ik in dit onderzoek heb gedaan.
Aanbeveling 1:
Artikel 32 lid 3 (nieuw): Indien aan de ondernemingsraad op grond van dit artikel een een adviesrecht of instemmingsrecht is toegekend, is het advies of de instemming van de ondernemingsraad niet vereist, voor zover de aangelegenheid voor de onderneming reeds inhoudelijk is of pleegt te worden geregeld in een collectieve arbeidsovereenkomst of in een regeling vastgesteld door een publiekrechtelijk orgaan.
Aanbeveling 2a
Artikel 9 lid 3 Wet Cao (nieuw): De binding als bedoeld in de vorige leden, geldt ook voor afspraken tussen een aan de cao gebonden werkgever en zijn ondernemingsraad ter nadere uitwerking van een in de cao opgenomen regelbevoegdheid, mits de ondernemingsraad zijn achterban heeft geraadpleegd en minder dan de helft van de tijdig binnengekomen stemmen tegen de decentrale afspraak heeft gestemd, alsmede dat in de cao is bepaald dat werknemers aan de decentrale afspraken zijn gebonden. Het staat cao-partijen vrij in de cao aanvullende regels omtrent de decentrale afspraken te stellen die in het kader van de hiervoor bedoelde binding in acht dienen te worden genomen.
Aanbeveling 2b
Artikel 12 lid 1 Wet Cao (nieuw): Elk beding tussen een werkgever en een werknemer, strijdig met een collectieve arbeidsovereenkomst door welke zij beiden gebonden zijn of een decentrale afspraak als bedoeld in artikel 9 lid 3 Wet Cao, is nietig; in plaats van zodanig beding gelden de bepalingen der collectieve arbeidsovereenkomst of de decentrale afspraak.
Aanbeveling 2c
Artikel 13 Wet Cao (nieuw): Bij gebreke van bepalingen in een arbeidsovereenkomst omtrent aangelegenheden, geregeld in een collectieve arbeidsovereenkomst door welke zowel de werkgever als de werknemer gebonden zijn of een decentrale afspraak als bedoeld in artikel 9 lid 3 Wet Cao, gelden de bepalingen der collectieve arbeidsovereenkomst.
Aanbeveling 2d
Artikel 14 Wet Cao (nieuw): ‘Wanneer bij de collectieve arbeidsovereenkomst niet anders is bepaald, is de werkgever, die door die overeenkomst gebonden is, verplicht, tijdens den duur dier overeenkomst hare bepalingen omtrent arbeidsvoorwaarden ook na te komen bij de arbeidsovereenkomsten, als in de collectieve arbeidsovereenkomst en een eventuele daarop aanvullende overeenkomst als bedoeld in artikel 9 lid 3 Wet Cao, bedoeld, welke hij aangaat met werknemers, die door de collectieve arbeidsovereenkomst zijn gebonden.’
Aanbeveling 3
Het laten vervallen van paragraaf 4.3 onder 7 van het Toetsingskader AVV.
Aanbeveling 4
Artikel 14 lid 2 Wet Cao (nieuw): Een tussen een werkgever en werknemer overeengekomen beding dat de van tijd tot tijd voor de werkgever geldende collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing verklaart op de arbeidsovereenkomst heeft geen betrekking op collectieve arbeidsovereenkomsten die zijn aangegaan door een of meer werknemersorganisaties die alleen of gezamenlijk niet-representatief te achten zijn voor de bij de collectieve arbeidsovereenkomst betrokken werknemers.
Artikel 14 lid 3 Wet Cao (nieuw): Een werknemer heeft de bevoegdheid een tussen hem en zijn werkgever overeengekomen beding dat de van tijd tot tijd voor de werkgever geldende collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing verklaart op de arbeidsovereenkomst eenzijdig op te zeggen. De contractuele binding eindigt, wanneer de collectieve arbeidsovereenkomst na opzegging wordt gewijzigd. In geval van verlenging van de overeenkomst na de opzegging duurt de contractuele gebondenheid voort tot het tijdstip waarop de overeenkomst zonder deze verlenging zou zijn geëindigd.
Aanbeveling 5
Artikel 14 lid 4 Wet Cao (nieuw): Na opzegging van een beding als bedoeld in artikel 14 lid 2 Wet Cao, vervalt de verplichting ex artikel 14 lid 1 Wet Cao voor een aan de cao gebonden werkgever ten aanzien van de werknemers die van hun opzeggingsrecht gebruik hebben gemaakt.
Aanbeveling 6
Artikel 7:613 lid 2 (nieuw): Een vermoeden van een zodanig zwaarwichtig belang wordt geacht aanwezig te zijn, indien de betrokken wijziging voortvloeit uit een de werkgever bindende collectieve arbeidsovereenkomst die is aangegaan met een of meer werknemersverenigingen die alleen of tezamen voldoende representatief te achten is of zijn.
Aanbeveling 7
Artikel 2 lid 1 Wet Avv (nieuw): Onze Minister kan op verzoek van het georganiseerde bedrijfsleven binnen een bedrijfstak dat naar zijn oordeel een belangrijke meerderheid van de in die bedrijfstak werkzame personen vertegenwoordigt, de bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst in de hele bedrijfstak verbindend verklaren. […]
Bij de aanpassing van het Toetsingskader AVV kan voor een belangrijk deel worden aangesloten bij paragraaf 3.1 van het Toetsingskader Wet Bpf 2000.