NJB 2019/2364
Immateriëleschadevergoeding wegens overschrijding van redelijke termijn bij een niet-ontvankelijk beroep. Alleen schadevergoeding voor de aan de beroepsfase toerekenbare overschrijding van de redelijke termijn. Rekenregels voor toerekening
HR 04-10-2019, ECLI:NL:HR:2019:1516
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
4 oktober 2019
- Magistraten
Mrs. Koopman, Punt en Van Hilten
- Zaaknummer
18/01938
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Algemeen
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:1516, Uitspraak, Hoge Raad, 04‑10‑2019
Beroepschrift, Hoge Raad, 04‑10‑2019
Essentie
Immateriëleschadevergoeding wegens overschrijding van redelijke termijn bij een niet-ontvankelijk beroep. Alleen schadevergoeding voor de aan de beroepsfase toerekenbare overschrijding van de redelijke termijn. Rekenregels voor toerekening
Uitspraak
Hoge Raad, onder meer:
‘2.4.2
De rechtbank heeft uitspraak gedaan meer dan twee jaar nadat bezwaar was gemaakt en meer dan anderhalf jaar nadat het beroep was ingesteld. Bij die uitspraak is het beroep niet‑ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn voor het instellen van beroep. Ook in een dergelijk geval moet de rechtbank beslissen op een verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn (vgl. HR ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.