V-N 2019/43.10
Netwerkvrijstelling volgens A-G niet van toepassing op verkrijging van kale zendmasten
HR (A-G) 06-08-2019, ECLI:NL:PHR:2019:800, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad (Advocaat-Generaal)
- Datum
6 augustus 2019
- Zaaknummer
19/01556
19/01555
19/01562
- Conclusie
A-G Wattel
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS79157:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van rechtsverkeer / Overdrachtsbelasting
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑02‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑02‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑02‑2020
ECLI:NL:HR:2020:170, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑02‑2020
ECLI:NL:HR:2020:171, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑02‑2020
ECLI:NL:HR:2020:172, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑02‑2020
ECLI:NL:PHR:2019:800, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 06‑08‑2019
- Wetingang
art. 15 lid 1 onderdeel y WBR
Essentie
Advocaat-generaal Wattel concludeert dat zendmasten voor de netwerkvrijstelling niet zijn aan te merken als ‘net’. De zendmasten bestaan niet uit een of meer kabels of leidingen en zij transporteren geen informatie.
Samenvatting
De belanghebbende, X bv, verkrijgt via een juridische splitsing de eigendom van 170 zendmasten. Omdat X bv volgens de inspecteur overdrachtsbelasting is verschuldigd voor de verkrijging van de zendmasten, legt hij een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op. X bv is echter van mening dat de netwerkvrijstelling van toepassing is (art. 15 lid 1 onderdeel y Wet BRv 1970). Het hof verklaart het hoger beroep van X ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.