Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/32.3
32.3 Love and marriage; horse and carriage
prof. mr. P.J. Wattel, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
prof. mr. P.J. Wattel
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Zie het persbericht van 19 oktober 2018 van de Raad van State over het verzoek van de voorzitter van de Afdeling om een conclusie over de rol van het vertrouwensbeginsel in het omgevingsrecht: https://www.raadvanstate.nl/pers/persberichten/tekst-persbericht.html?id=1188&summary_only=&category_id=8&q=vertrouwensbeginsel.
Bron onduidelijk. De Quote Investigator denkt dat het om een aangroeigraffito gaat: anderen hebben later de tweede en vervolgens de derde regel onder de oorspronkelijk enige eerste regel gekrast. Het graffito wordt aangehaald in Kurt Vonnegut, Deadeye Dick, New York: Delacorte Press/Seymour Lawrence 1982, p. 224.
Is het huwelijk tussen de Awb en het formele belastingrecht een gelukkig huwelijk? Gaat wel, geloof ik. Het lijkt mij in elk geval aanmerkelijk beter dan Het Huwelijk dat Willem Elsschot beschreef. En alles went, ook of juist in een huwelijk. Het heeft denkelijk, zoals elk huwelijk, haar ups en downs. Zoals Yogi Berra treffend opmerkte:
‘If the world were perfect, it wouldn't be.’
Mijn andere favoriete filosoof (Frank Sinatra) postuleert dat love and marriage go together like a horse and carriage, hetgeen de vraag kan doen rijzen of de Awb nu het paard achter de wagen van het formele belastingrecht is of andersom. Hoe dan ook is de confrontatie tussen de twee denkwijzen leerzaam geweest: het dwong – en dwingt nog steeds – de beoefenaren van beide denkwijzen om zich te beraden op hun vanzelfsprekendheden en zich aan te passen aan het betere inzicht. Waaróm doen we het eigenlijk zo? Momenteel is bijvoorbeeld de toepassing van het veiligheidshalve nooit gecodificeerde vertrouwensbeginsel in het omgevingsrecht en in het belastingrecht voorwerp van vergelijking en bezinning.1 Misschien moeten de echtelieden elkaar wel vaker vragen: ‘schat, is er iets?’ De fiscalisten lijken hun echtelijke plichten redelijk te vervullen. Zij hebben veel geleerd van de Awb en volgen de algemene ontwikkelingen vrij goed. Op het vlak van de rechtspraak lijkt zelfs sprake van echte liefde en van een open maar desondanks gelukkig huwelijk: de vier hoogste bestuursrechters (een kwartetje dus, als het ware) doen steeds meer aan partnerruil en realiseren stapje voor stapje wat de politiek maar niet lukte (en wier huwelijkstherapie zij dan ook voorlopig even niet meer believen).
De praktijkbeoefenaren van het niet-fiscale bestuursrecht lijken hun blinde vlek voor de bestuursrechtelijke ontwikkelingen bij de derde kamer van de Hoge Raad nog steeds niet helemaal kwijt te zijn. Een mijner promoti merkte als fiscaal advocaat-stagiaire tijdens de verplichte cursus bestuursrecht na een mooie uiteenzetting van de docent over de Afdelingsrechtspraak op dat ook de Hoge Raad op diverse van de aangesneden terreinen recent interessante uitspraken had gedaan. De docent keek hem tegelijk vertwijfeld en vuil aan en ver- meed de rest van de cursus zorgvuldig de term ‘bestuursrecht’ om het nadrukkelijk alleen nog over ‘het algemene bestuursrecht’ te hebben, hoewel die uitspraken van de belastingkamer toch echt over de Awb gingen.
Maar in het algemeen lijken het Awb-recht en het formele belastingrecht goed samen te gaan en soms zelfs, zoals bij de ‘op de zaak betrekking hebbende stukken’, tot onverwacht welluidende samenzang te leiden, vergelijkbaar met de onverwachte diepte en elegantie waarmee onderstaand graffito2 twee gevestigde doch uiteenlopende denkwijzen harmonieus combineert tot nieuwe inzichten:
To be is to do - Socrates
To do is to be - Sartre
Dobedobedo - Sinatra