De geschillenregeling ten gronde
Einde inhoudsopgave
De geschillenregeling ten gronde (VDHI nr. 108) 2011/I.3.3:I.3.3 De afbakening van het onderzoek
De geschillenregeling ten gronde (VDHI nr. 108) 2011/I.3.3
I.3.3 De afbakening van het onderzoek
Documentgegevens:
prof.mr. C.D.J. Bulten, datum 28-04-2011
- Datum
28-04-2011
- Auteur
prof.mr. C.D.J. Bulten
- JCDI
JCDI:ADS382175:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het onderzoek omvat een bespreking van de juridische facetten van de wettelijke geschillenregeling. Eén van de aspecten van de uitstoting en de uittreding is de waardering van de aandelen. Dit geschiedt veelal door accountants. De financiële en fiscale elementen van die waardering belicht ik summier.
De geschillenregeling kent naast de uitstoting en de uittreding nog een derde vordering. Tegen een beperkt gerechtigde met het stemrecht op de aandelen kan de vordering van art. 2:342 BW worden ingesteld. Wordt het belang van de vennootschap zodanig geschaad door het gedrag van de stemgerechtigde pandhouder of vruchtgebruiker dat in redelijkheid niet langer kan worden geduld dat hij het stemrecht blijft uitoefenen, dan wordt hem het stemrecht ontnomen en gaat het terug op de blootaandeelhouder. Deze vordering is in de praktijk niet één keer ingesteld en de literatuur maakt ook weinig woorden aan art. 2:342 BW vuil. Ik kies er daarom voor om de vordering niet een prominente plaats te geven in mijn onderzoek, maar volsta met de behandeling in § IV.5 en een enkele summiere verwijzing.