Einde inhoudsopgave
Toegang tot het recht bij massaschade (R&P nr. 150) 2007/3.4.3
3.4.3 Inhoud
mr. I.N. Tzankova, datum 30-03-2007
- Datum
30-03-2007
- Auteur
mr. I.N. Tzankova
- JCDI
JCDI:ADS598437:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Rule 19.11 (2) spreekt van 'must'.
Uitvoerig over het nut van het GLO-register is Hodges 2001, p. 52-3. Op p. 54-60 bespreekt hij hoe dat in zijn werk gaat en welke varianten daarbij denkbaar zijn met bijhorende complicaties. Hij noemt onder andere het gebruik van questionnaires en 'statement of tutti', een verklaring van de betrokkene dat de door hem verstrekte informatie correct is. In andere gevallen kan het echter nodig zijn om door middel van bewijs vast te stellen of de betrokkenen daadwerkelijk aan de voorwaarden voldoen.
PD 19(B) 6.5. Mildred 2000, p. 416 wijst erop dat in de huidige praktijk het bijhouden van het groepsregister door het gerecht eerder de uitzondering dan de regel is, onder meer wegens ontoereikende faciliteiten bij de gerechten. Het register is openbaar en een ieder zou het op verzoek en tegen een geringe `raadpleegvergoeding' mogen inzien.
PD (19B) 9.2, Andrews 2003, p. 980-1. Mildred 2000, p. 423-4.
Mildred 2000, p. 424.
Mildred 2000, p. 418-9.
Rule 19.11 (3).
Mildred 2000, p. 420-2.
Een GLO dient in ieder geval een drietal gegevens te bevatten.1 De Order moet aanwijzingen geven voor het opzetten van het groepsregister waarop alle claims die onder de GLO (zullen) vallen, geregistreerd dienen te worden.2 Het register in een desbetreffend geval hoeft overigens niet per se door het gerecht te worden bijgehouden. Dat zou ook een advocaat kunnen doen.3 Inschrijving geschiedt volgens het opt in-systeem, zij het dat partijen die al een procedure aanhangig hadden gemaakt, automatisch worden doorverwezen naar 'the management court'. Ze kunnen echter een verzoek indienen om niet ingeschreven te worden, respectievelijk uit het register te worden verwijderd.4 Daardoor spreken sommigen van een 'hybrid' systeem: voor nieuwe groepsleden geldt het opt in principe, terwijl voor bestaande het opt out regime van toepassing is, eventueel aangevuld met een kostenveroordeling (zie 3A.5).5
Daarnaast dient een GLO de GLO-kwesties te bevatten. Deze worden afzonderlijk in de volgende paragraaf behandeld, omdat de formulering daarvan een nauwe samenhang vertoont met de selectie van de test cases. Tenslotte dient een GLO 'the management court' aan te wijzen.6 Dat kan per geval steeds een ander zijn. Een en ander zal mede afhangen van de geografische spreiding van potentiële eisers.
Een GLO kan voorts verschillende beschikkingen bevatten. Bijvoorbeeld specifieke publicatievoorschriften voor eventuele belanghebbenden die willen deelnemen aan de groepsactie, zodat ze weten waar ze zich moeten melden.7 In de literatuur wordt aangegeven welke overwegingen de rechter waarschijnlijk zullen leiden bij het nemen van beslissingen omtrent publiciteit. Enerzijds is er de wens voor het behalen van `rendement' van de GLO door zo veel mogelijk belanghebbenden daarbij te betrekken. Anderzijds dient men ervoor te waken geen 'hype' in het leven te roepen, met name indien de desbetreffende kwestie nog niet in de publiciteit is geweest.8