Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/IV.C.3.1
IV.C.3.1 Om niet?
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS407158:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
VAN GRUNDERBEECK, Erfenissen, Schenkingen en testamenten, M. COENE, W.PINTENS, A.VASTERAVENDTS (e.a.), Antwerpen: Kluwer 1997, p. 222.
VAN GRUNDERBEECK, Erfenissen, Schenkingen en testamenten, M. COENE, W.PINTENS, A.VASTERAVENDTS (e.a.), Antwerpen: Kluwer 1997, p. 224.
VAN GRUNDERBEECK, Erfenissen, Schenkingen en testamenten, M. COENE, W PINTENS, A.VASTERAVENDTS (e.a.), Antwerpen: Kluwer 1997, p. 224. Zie ook CW OPZOOMER, Het Burgerlijke Wetboek verklaard, Amsterdam 1879, p. 368, noot 2 die verwijst naar MARCADE die zich over het vergoedingslegaat als volgt uitgelaten zou hebben: 'l'usage a donne le nom de diamant'.
VAN GRUNDERBEECK, Erfenissen, Schenkingen en testamenten, M. COENE, W.PINTENS, A.VASTERAVENDTS (e.a.), Antwerpen: Kluwer 1997, p. 224.
Het Hof van Beroep te Antwerpen, 29 juni 1998, TBBR/RGDC 99, 4, Kluwer Rechtswetenschappen Belgie.
Aangezien de Belgische testamentuitvoerder als de uitvoerder van een last gezien wordt, gaat men er vanuit dat zijn opdracht in principe een onbezoldigde vriendendienst is.1 De overeenkomst van lastgeving is geregeldin art.1986 Belgisch BW, dat luidt:
'Lastgeving geschiedt om niet, tenzij het tegendeel bedongen is.'
Dit brengt met zich dat erflater in de uiterste wil een beloning kan toekennen aan de testamentuitvoerder. Dit kan ook geschieden in de vorm van een legaat. Men spreekt dan van een 'vergoedingslegaat'.2 Aangezien het in het verleden gebruikelijk was om de testamentuitvoerder als vergoeding een juweel ofeen andere waardevolle steen te legateren, duidt men de beloning van de testamentuitvoerder ook wel aan als 'diamant'.3
Ook als er geen uitdrukkelijke bepaling in de uiterste wil is opgenomen wordt aangenomen dat een professional zoals een notaris of andere deskundige recht heeft op een vergoeding. Er wordt dan uitgegaan van een stilzwijgende wil van erflater.4
Het Hof van Beroep te Antwerpen stapt in zijn arrest van 29 juni 19 985 gemakkelijk over art. 1986 BBW heen en neemt aan dat het mandaat post mor-tem bezoldigd is, mede gezien het feit dat het gehonoreerde mandaat een betere waarborg biedt voor de stipte uitvoering daarvan. Men durft over art. 1986 heen te stappen, omdat het bij testamentuitvoering om een oneigenlijk mandaat gaat. In casu werd een beloning van 2,5% van de bruto-nalatenschap, gelet op het belang van de nalatenschap en de omvang van de opdracht, niet overdreven geacht.