Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/VI
VI Bijlage 3: voor- en nadelen van het stemrechtloze aandeel en aanbevelingen
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS386503:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Met die beperking dat er ten minste een aandeel met stemrecht moet uitstaan bij een ander dan de vennootschap of een dochtervennootschap (zie het eerste nadeel).
HR 16 december 2011, LJN BU8233, r.o. 3.3.4: “Dit een en ander beziende is de Hoge Raad van oordeel dat sprake is van verschillende soorten aandelen niet alleen indien sprake is van een bijzondere gerechtigdheid tot een vermogensbestanddeel of een reserve van de vennootschap (zoals het geval is bij letteraandelen met een eigen dividendreserve), maar ook indien tussen verschillende soorten aandelen uitsluitend een verschil bestaat met betrekking tot de besluitvorming omtrent uitkeringen van winst of vermogen van de vennootschap.” Zie ook Kamerstukken I 2011/12, 31 058 en 32 426, nr. C. p. 2-4; De Kort 2012, p. 12 e.v. en Mol-Verver 2012, p. 6 e.v.
Zie paragraaf 4.2.5.
Voordelen
Nadelen
Het is een internationaal bekende rechtsfiguur.
Niet alle aandelen in de BV kunnen stemrechtloze aandelen zijn (zie art. 2:175 lid 1 BW). Er moet ten minste een aandeel met stemrecht uitstaan bij een ander dan de vennootschap of een dochtervennootschap. Het aandeel met stemrecht kan een winstrechtloos aandeel zijn. Dit aandeel kan bijvoorbeeld worden geplaatst bij de bestuurder van de vennootschap of een administratiekantoor.
De introductie van een stemrechtloos aandeel binnen een vennootschap is eenvoudig en kostenbesparend. Bij oprichting van een BV kan worden volstaan met de uitgifte van stemrechtloze aandelen, die in de statuten zijn aangemerkt als aandelen van een bepaalde soort of aanduiding.1 Er is sprake van een (rechtstreekse) lidmaatschapsverhouding met de vennootschap en geen sprake van een – meer ingewikkelde – driehoeksverhouding, zoals bij certificering het geval is.
Het feit dat er geen stemrecht aan het aandeel verbonden is, is ‘definitief’. Het stemrecht herleeft niet indien de belangen van de stemrechtloze aandeelhouder worden geschaad.
Aan het aandeel is geen stemrecht verbonden. Bij certificering is sprake van verschuiving van de zeggenschap. Via het bestuur van de STAK heeft de certificaathouder in voorkomend geval wel enige vorm van zeggenschap.
Hoewel aan het aandeel geen stemrecht is verbonden, is er wel vergaderrecht aan verbonden. Het vergaderrecht kan niet worden uitgesloten of ontnomen. Dat kan besluitvorming moeilijker maken. Houders van stemrechtloze aandelen moeten bijvoorbeeld worden opgeroepen voor de algemene vergadering. Daarnaast biedt het vergaderrecht toegang tot de algemene vergadering, zodat het besluitvormingsproces tijdens de algemene vergadering kan worden beïnvloed. Met besluitvorming buiten vergadering moeten zij instemmen.
Het stemrechtloze aandeel is vooral toepasbaar in situaties waarin slechts financiële deelname in de BV is vereist zonder de stemverhoudingen aan te tasten, bijvoorbeeld in familievennootschappen, bij bedrijfsopvolging, bij werknemersparticipaties, bij deelname door banken, private equity en andere financieringsmaatschappijen,bij internationale (houdster)structuren of bij joint ventures. Er is dan geen sprake van verwatering van stemrecht.
De (beschermings)regels van het stemrechtloze aandeel zijn van dwingend recht. Dat maakt deze rechtsfiguur minder flexibel dan certificaten van aandelen.
De stemrechtloze aandeelhouder heeft een vordering tot uittreding ex art. 2:343 BW en een vordering tot uitstoting ex art. 2:336 BW. De certificaathouder ontbeert deze vorderingen.
Aanbevelingen voor de praktijk
1.
Indien gewenst, het versterken van de positie van de stemrechtloze aandeelhouder (zie paragraaf 8.11).
2.
Bij gebruik van het stemrechtloze aandeel zal er rekening mee moeten worden gehouden dat (eerder) sprake kan zijn van een aanmerkelijk belang.2
3.
Indien in een BV verschillende soorten stemrechtloze aandelen3 bestaan, verdient het aanbeveling die soorten van een aparte aanduiding te voorzien (zie paragraaf 4.2.6).