De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/12.1.3:12.1.3 Literatuur
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/12.1.3
12.1.3 Literatuur
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS366057:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de literatuur bestaat zeer beperkte aandacht voor de vraag wat de gevolgen zijn van de vernietiging van een beschikking waarin (onmiddellijke) voorzieningen zijn getroffen. Josephus Jitta heeft eerst het standpunt ingenomen dat de vennootschap aansprakelijk is voor de schade die is geleden1 en later dat de verzoeker aansprakelijk is.2 Dat eerste standpunt baseerde Josephus Jitta op de redelijkheid en billijkheid en het tweede standpunt op een zekere parallellie met het geval ten onrechte beslag wordt gelegd. Croiset van Uchelen 3acht het allerminst zeker dat verzoeker aansprakelijk is. Of iemand anders dan aansprakelijk is, laat hij in het midden.
Beiden baseren zich op het feit dat degene, die een (kort geding) vonnis ten uitvoer legt dat later wordt vernietigd, aansprakelijk is. Volgens Croiset van Uchelen kan de verzoeker hiermee niet worden vergeleken. Josephus Jitta meent van wel.