Het nationale budgetrecht en Europese integratie
Einde inhoudsopgave
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/8.2:8.2 De eerste Europese noodfondsen
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/8.2
8.2 De eerste Europese noodfondsen
Documentgegevens:
mr. S.P. Poppelaars, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. S.P. Poppelaars
- JCDI
JCDI:ADS450511:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Persmededeling van de Raad, 9 mei 2010, 9596/10 – Presse 108, p. 6-7.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Allereerst bereikten de lidstaten van de eurogroep op 9 mei 2010 overeenstemming over het instellen van een Europees noodfonds.1 Om het gevaarvan besmetting van de problemen in Griekenland naar andere Europese landen te voorkomen, werd een fonds van in totaal 500 miljard euro gecreëerd, waarop lidstaten die in moeilijkheden kwamen een beroep konden doen. Het IMF bood bovendien gecoördineerde steun voor lidstaten die gebruik zouden maken van het mechanisme. Het IMF stelde hiervoor 250 miljard beschikbaar, waardoor het fonds een totale waarde kreeg van 750 miljard euro.
Het noodfonds bestaat uit twee delen: het communautaire Europees Financieel Stabilisatiemechanisme (hierna: EFSM) en de Europese Financiële Stabiliteitsfaciliteit (hierna: EFSF), die als een privaatrechtelijke rechtspersoon is ingericht.
8.2.1 Het Europees Financieel Stabilisatiemechanisme (EFSM)8.2.2 De Europese Financiële Stabiliteitsfaciliteit (EFSF)