RAR 2026/65
Kwalificatie arbeidsrelatie. Hebben alle Uberchauffeurs een arbeidsovereenkomst?
Hof Amsterdam 27-01-2026, ECLI:NL:GHAMS:2026:163
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
27 januari 2026
- Magistraten
Mrs. G.C. Boot, M.L.D. Akkaya, F.J. van de Poel
- Zaaknummer
200.300.335/01
- JCDI
JCDI:BSD100328:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Arbeidsrecht / Bijzondere onderwerpen arbeidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2026:163, Uitspraak, Hof Amsterdam, 27‑01‑2026
ECLI:NL:GHAMS:2024:601, Uitspraak, Hof Amsterdam, 13‑02‑2024
ECLI:NL:GHAMS:2023:2220, Uitspraak, Hof Amsterdam, 03‑10‑2023
ECLI:NL:GHAMS:2022:2080, Uitspraak, Hof Amsterdam, 19‑07‑2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:855, Uitspraak, Hof Amsterdam, 22‑03‑2022
- Wetingang
Art. 7:610 BW
Essentie
Kwalificatie arbeidsrelatie. Overeenkomst van opdracht.
Hebben alle Uberchauffeurs een arbeidsovereenkomst?
Samenvatting
Dit is het eindarrest van de ‘Uber-zaak’. In zijn uitspraak, op prejudiciële vragen van het hof Amsterdam, heeft de Hoge Raad geoordeeld dat ondernemerschap (zowel intern als extern) een van de omstandigheden vormt binnen het toetsingskader van het Deliveroo-arrest met als mogelijk gevolg dat de rechtsverhouding tussen werkers en de werkverschaffer verschillend kunnen worden gekwalificeerd al naar gelang de aanwezigheid van ondernemerschap. Een zelfstandige kan binnen een onderneming dus hetzelfde werk doen zij aan zij met een werknemer. In zijn arrest heeft de Hoge Raad negen gezichtspunten geformuleerd die bij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.