De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/6.2.1:6.2.1 De geboden bescherming
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/6.2.1
6.2.1 De geboden bescherming
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS366034:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Art. 11 EVRM beschermt niet alleen de vrijheid van vereniging, maar ook het recht op vreedzame vergadering en de vakbondsvrijheid. Voor dit onderzoek is louter de vrijheid van vereniging van belang. De vrijheid van vereniging wordt in de rechtspraak van het EHRM gezien als een belangrijke steunpilaar van een pluriforme, democratische en tolerante samenleving.1 Er is ook een verband met andere vrijheden uit het EVRM, namelijk vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst. Hoewel de vrijheid van vereniging een bredere strekking heeft, kan deze worden gezien als het recht om deze vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst in groepsverband uit te oefenen.2
De vrijheid van vereniging van art. 11 EVRM kent diverse facetten, maar beschermt in essentie het recht van burgers om zich te organiseren zonder overheidsbemoeienis. Er is het recht om deze vereniging op te richten, deze zelf in te richten en lid te worden van een vereniging. Tevens kent de vrijheid van vereniging een zogeheten negatieve zijde. Die houdt in dat er geen verenigingsdwang is. De lidstaten van het EVRM dragen een positieve verplichting om te zorgen dat deze vrijheden daadwerkelijk kunnen worden uitgeoefend in hun jurisdictie.3 Daarnaast hebben zij de negatieve verplichting om niet zelf de vrijheid van vereniging te schenden.
Op deze aspecten van de vrijheid van vereniging zal nader ingegaan worden in par. 6.5 waarin ook ter sprake zal komen hoe één en ander zich verhoudt tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen.