Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/810
Verordening Rome I. Toepasselijke recht op consumentenovereenkomst die voldoet aan de voorwaarden van art. 6 lid 1; geen rechtskeuze; toepassing van een vermeend gunstiger recht.
HvJ EU 14-03-2024, ECLI:EU:C:2024:245
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
14 maart 2024
- Magistraten
F. Biltgen, N. Wahl, J. Passer
- Zaaknummer
C-429/22
- Conclusie
A-G M. Szpunar
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht / Internationaal bevoegdheidsrecht
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2024:245, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 14‑03‑2024
- Wetingang
Art. 6 Verordening (EG) nr. 593/2008 (Verordening Rome I)
Essentie
VK tegen N1 Interactive ltd.
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door het Oberlandesgericht Wien (Oostenrijk) bij beslissing van 22 juni 2022.
Verordening Rome I. Toepasselijke recht op consumentenovereenkomst die voldoet aan de voorwaarden van art. 6 lid 1; geen rechtskeuze; toepassing van een vermeend gunstiger recht.
Art. 6 lid 1 Verordening Rome I moet aldus worden uitgelegd dat wanneer een consumentenovereenkomst voldoet aan de voorwaarden van die bepaling en de partijen geen geldige rechtskeuze hebben gemaakt, het op die overeenkomst toepasselijke recht moet worden vastgesteld overeenkomstig die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.