Einde inhoudsopgave
Op zoek naar de heilige graal (FM nr. 174) 2022/2.4.1
2.4.1 Algemene definities van spiritualiteit
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef, datum 01-12-2021
- Datum
01-12-2021
- Auteur
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef
- JCDI
JCDI:ADS633723:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Persoonsgebonden aftrek
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
De Hart 2013, p. 29.
Kregting & Bernts 2003, p. 5.
De Hart 2013, p. 22.
De Hart 2013, p. 26, 27.
Kregting & Bernts 2003, p. 5.
De Hart 2013, p. 163-170; Kregting & Bernts 2003, p. 5
Kregting & Bernts 2003, p. 8.
De Hart 2013, p. 99, 100, 102.
De Hart 2013, p. 143.
De Hart & Dekker 2013, p. 244, 245, 256.
De Hart 2013, p. 116, 117, 158; De Hart & Dekker 2013, p. 244.
De Hart 2013, p. 114, 117, 119.
De Hart 2014, p. 100.
Berghuijs 2016, p. 149.
De Hart 2014, p. 101, 115, 117, 158.
Berghuijs 2016, p. 149, 150.
Berghuijs 2016, p. 172.
De Hart 2013, p. 163.
Van Dale omschrijft spiritualiteit als een geestelijke levenshouding. Spiritualiteit kan zowel een religieuze als een niet-religieuze uitingsvorm (levenskunst, bepaalde leefstijl oriëntatie of gerichtheid1) hebben.2 De Hart onderscheidt twee etymologische tradities voor dit concept. De tweeduizend jaar oude romaanse, christelijk georiënteerde traditie met haar praktisch-morele lading bevat sporen van de praktische theologie, de politieke en bevrijdingstheologie en de theologie van katholieke kloosterordes. Daarnaast bestaat de jongere, niet geïnstitutionaliseerde Angelsaksische (Amerikaanse) traditie, een soort algemene religieuze belangstelling en gevoeligheid.3 Tegenwoordig wordt spiritualiteit vooral met die laatste traditie in verband gebracht. Onderzoeken naar perceptie van spiritualiteit wijzen uit dat dit denkbeeld positievere connotaties (zoals zelfontplooiing, bewustere levenswandel) dan religie heeft en “verwijst eerder naar persoonlijke ervaringen, private activiteiten en subjectief beleefde, niet-theïstische noties van een hogere macht”.4
Voor spiritualiteit worden diverse definities gehanteerd. Hierna volgen enkele definities en omschrijvingen uit de literatuur.
"Spiritualiteit is een nagestreefde, beleefde en gearticuleerde relatie met transcendentie: vragen, betekenissen, waarden die de normale dagelijkse levenspatronen en routines overstijgen of doorbreken”.5 In deze definitie is spiritualiteit een houding die zich begeeft tussen geloof en religiositeit enerzijds en levenskunst anderzijds. Een attitude die intensief of sporadisch en fluctuerend per levensfase kan zijn. Ze heeft drie componenten: cognities (ideeën), affectieve facetten (ervaringen en gevoelens) en gedragingen (rituelen, bezinningsmomenten). De cognitieve aspecten hebben betrekking op opvattingen over de zin van het leven, over waarheid, spiritualiteit, magie en een holistische kosmologie. Tot de affectieve facetten behoren mystieke ervaringen, het ervaren van de aanwezigheid van een hogere macht, kracht of god. Tot slot omvatten de gedragingen het zich bezighouden met spiritualiteit via gesprekken, internet, cursussen, beurzen of lectuur.6 Er zijn twee typen van spiritueel gedrag: godsdienstig-spiritueel (kerkelijke viering, bidden of mediteren) en algemeen-reflexief gedrag (diepgaand gesprek over de zin van het leven).7
Moderne, geïndividualiseerde spiritualiteit (‘nieuwe spiritualiteit’, ‘holistische spiritualiteit’, ‘alternatieve spiritualiteit’, ‘paraculturele spiritualiteit’ of ‘postmoderne spiritualiteit’) omschrijft De Hart als: “Eerder geloven in een soort kracht dan in de christelijke God, sympathie voor het boeddhisme en reïncarnatie, belangstelling voor esoterie, talismannen (…). Nieuwe spiritualiteit wordt voor een groot deel beleefd in de vorm van een diffuus georganiseerde belangstellingssfeer, waarbij de geïnteresseerden zelden of nooit bij elkaar komen, maar hun ideeën uitwisselen en informatie opdoen via tijdschriften, boeken, folders, internetsites, dvd’s en andere media.”8 Andere middelen zijn (para)beurzen, workshops en bezinningscentra.9
Nieuwe spiritualiteit als opvolgster van de New Age-beweging is volgens De Hart en Dekker de verzamelnaam voor een breed spectrum van interesses buiten de traditionele westerse kerken met als inspiratiebronnen onder andere de westerse esoterische traditie, het gnosticisme, het paganisme, de theosofie, oosterse religies en wijsheidsleren en parapsychologie. Centraal staan een spirituele krachtbron, een alles doordringende kosmische energie, de persoonlijke ervaring, zelfontplooiing, de ontdekking en ontwikkeling van persoonlijke vermogens.10
Het scala aan spirituele onderwerpen is heel breed en bevat onder meer magische gebruiken, de oude volksreligiositeit, indiaanse en Keltische religies, christelijke mystici, de Soefibeweging, Ramakrishna, Krishnamurti, wicca, chanten, aura-reading, telekinese, chakra’s, waarzeggerij, numerologie, reiki, astrologie, tarot, telepathie, amuletten, pendelen, reïncarnatie, spirituele intelligentie, sjamanisme, bijna-doodervaringen, paragnostiek, channeling, meditatie, yoga, piramidekrachten, Nostradamus, ufonauten en graancirkels.11 Een kernaspect van de nieuwe spiritualiteit is het bestaan van een geestelijke immanente kracht die alles verbindt (energie).12
Onderscheidende kenmerken van deze nieuwe spiritualiteit vat De Hart als volgt samen aan de hand van literatuuranalyse: “Bij spiritualiteit ligt de nadruk sterker op innerlijke ervaringen en minder op dogma’s, rituelen, handelingen; sterker op zelfontdekking en persoonlijke groei, het zich ontwikkelen tot een rijkere persoonlijkheid dan op de band met instituties; sterker op een humanistische component; sterker op een oriëntatie op uiteenlopende stromingen tegelijk dan op een exclusieve keuze voor één.”13 Het gaat vooral om zelfspiritualiteit, ‘het besef dat je moet zoeken naar je diepste innerlijke kern, die goddelijk is’.14 Deze zelfspiritualiteit is sterk gericht op de unieke persoonlijke innerlijke ervaring, gevoel en intuïtie, de overtuiging dat de uiteindelijke zin van het leven ligt in de ontdekking van je ware ik, je authentieke zelf, en in de ontwikkeling van het potentieel aan eigen vermogens.15 Daarnaast kan men putten uit een ‘wijsheidstraditie’ vanuit een eeuwige bron, ‘perennial wisdom’, die de basis vormt van alle religieuze en spirituele uitingsvormen door de geschiedenis heen. Men kan naar believen ideeën, opvattingen en meningen uit verschillende tradities kiezen en combineren: syncretisme. Een ander belangrijk kenmerk is holisme: door een levenskracht of energie met elkaar verbonden zijn en één geheel vormen.16 Nieuwe spiritualiteit is verder te omschrijven als horizontale transcendentie: ‘het streven naar zelfinzicht en verbinding met mens, wereld en natuur’.17
De nieuwe spiritualiteit heeft meerdere dimensies. De Hart noemt: ”zelfontplooiing en uniciteit als kernelementen van zingeving, intuïtie als leidraad van handelen, religieus sprokkelgedrag, de belangstelling voor paraculturele onderwerpen”.18