Einde inhoudsopgave
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/3.3.2
3.3.2 Verrichten van eenzijdige rechtshandelingen onder voorwaarde
C. Spierings, datum 06-02-2016
- Datum
06-02-2016
- Auteur
C. Spierings
- JCDI
JCDI:ADS380425:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Voetnoten
Voetnoten
Leenen 2011, p. 235; Löwisch en Neumann 2004, nr. 405; Staudinger/Bork, Vorbemerkungen zu §158-163, nr. 38.
Soergel/Schreiber §388 BGB, nr. 1; Staudinger/Gursky §388 BGB, nr. 8; Münchener Kommentar zum BGB, §388, nr. 3 (Schlüter).
Medicus 2012, p. 31.
§388 BGB.
Leenen 2011, p. 96 en p. 235; Larenz/Wolf/Neuner 2012, §52 nr. 23-24; Medicus 2010, p. 347.
Löwisch en Neumann. 2004, nr. 406.
Flume 1992, p. 137.
Münchener Kommentar zum BGB, §959, nr. 5 (Oechsler).
§328 Abs. 2 BGB.
§2074 en §2075 BGB; Zimmermann 2013, p. 75.
Leenen 2011, p. 262.
Zie ook Münchener Kommentar zum BGB, §143, nr. 6 (Busche); Staudinger/Roth §143 BGB, nr. 9.
120. Einseitig-gestaltende Rechtsgeschäfte kunnen niet onder voorwaarde of tijdsbepaling worden verricht.1 Dit zijn de eenzijdige rechtshandelingen waarmee een wilsrecht wordt uitgeoefend, zoals vernietiging, opzegging en verrekening. Als reden hiervoor wordt gegeven dat de bij de eenzijdige rechtshandeling betrokken partijen geen invloed kunnen uitoefenen op de verrichting van de rechtshandeling en dat de onzekerheid die de voorwaarde of tijdsbepaling voor hen meebrengt onredelijk is.2 Medicus ziet de hiermee nagestreefde duidelijkheid als compensatie voor het feit dat de betrokkene moet accepteren dat zijn rechtspositie eenzijdig wordt gewijzigd.3
In de wet is expliciet bepaald dat verrekeningsverklaringen onder voorwaarde of tijdsbepaling ongeldig zijn.4 In de literatuur wordt gesteld dat deze clausulering analoog moet worden toegepast op andere einseitiggestaltende Rechtsgeschäfte.5 Een uitzondering wordt gemaakt voor het geval dat het al dan niet in vervulling gaan van de voorwaarde volledig afhankelijk is van de wil van de betrokkene. In dat geval hoeft deze niet te worden beschermd.6 Löwisch en Neumann noemen als voorbeeld de beëindiging van een arbeidsovereenkomst onder de voorwaarde dat de medewerker zich niet binnen twee weken akkoord verklaart met een wijzing van de arbeidsvoorwaarden.
Alleen sonstige einseitige Rechtsgeschäfte kunnen dus onder voorwaarde of tijdsbepaling verricht worden, vanwege de presumptie dat zij de rechtspositie van een ander niet direct ongunstig beïnvloeden.7 Voorbeelden zijn uitloving, derelictie,8 derdenbeding,9 volmachtverlening of de uiterste wilsbeschikking.10 Op deze verdeling valt af te dingen dat ook sonstigeeinseitige Rechtsgeschäfte de rechtspositie van een ander direct kunnen beïnvloeden. Een voorwaardelijk derdenbeding levert onzekerheid op voor de derde. Een gevolmachtigde kan aansprakelijk zijn op grond van de volmacht, dus als die voorwaardelijk wordt verleend, pakt dat mogelijk negatief uit. Een legaat verschaft aan de begunstigde een vordering, maar schept een verbintenis voor de bezwaarde. Ook hij heeft er belang bij te worden beschermd tegen onzekerheid over het intreden van het rechtsgevolg. Het zou mijns inziens vaak juist minder bezwaarlijk zijn als een Gestaltungsrecht voorwaardelijk wordt uitgeoefend, omdat betrokkenen al tot elkaar in een rechtsverhouding staan.
121. Volgens bovenstaand dogma mag een vernietigingsverklaring niet onder voorwaarde of tijdsbepaling worden verricht.11 Wat echter wel is toegestaan, is een zogenaamde Eventualanfechtung. Dat is een vernietigingsverklaring die bij voorbaat wordt geschreven voor het geval de rechtshandeling niet de in eerste instantie vermeende inhoud heeft.12 Volgens het BGH is dit geen geval van voorwaardelijke vernietiging. Het gaat om de situatie dat tussen partijen discussie ontstaat over de uitlegging van een rechtshandeling waarbij de ene partij alleen aan het contract gebonden wil zijn als het op zijn manier wordt uitgelegd en hij voor het andere geval de rechtshandeling uit voorzorg alvast vernietigt. De vernietiging is dan niet afhankelijk van een toekomstige, onzekere gebeurtenis, maar van een voor de partijen onduidelijke, maar objectief al vaststaande rechtstoestand.13 Dit moge zo zijn, maar voor de wederpartij kan net zoveel onzekerheid bestaan bij een Eventualanfechtung als bij een voorwaardelijke vernietigingsverklaring het geval zou zijn. De reden voor het opnemen van een Eventualanfechtung is het in het voordeel van één partij afdekken van het risico dat aan een beding een onwelgevallige betekenis wordt toegekend. Theoretisch gezien is de betekenis van het beding ‘objectief vaststaand’, maar door partijen wordt het ervaren als een onzekerheid.