De eenzijdige rechtshandeling
Einde inhoudsopgave
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/4.1:4.1 Inleiding
De eenzijdige rechtshandeling (O&R nr. 89) 2016/4.1
4.1 Inleiding
Documentgegevens:
C. Spierings, datum 06-02-2016
- Datum
06-02-2016
- Auteur
C. Spierings
- JCDI
JCDI:ADS375581:1
- Vakgebied(en)
Rechtswetenschap / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Dit hoofdstuk is de bewerking van een thesis, geschreven in het kader van een Masters of Studies in Legal Research aan Oxford University.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
177. Een blik op het Engelse recht is interessant, omdat dat rechtsstelsel het concept van de eenzijdige rechtshandeling niet erkent. Het Engelse verbintenissenrecht neemt acties (contract, tort en restitution for unjust enrichment) als uitgangspunt en is niet systematisch opgebouwd rond rechtsfeiten, zoals het Nederlandse en het Duitse recht. Bovendien staat de doctrine of consideration eraan in de weg dat (vormvrij) eenzijdig bindende beloften worden gedaan. Desondanks kent het Engelse recht wel een aantal voorbeelden van eenzijdig handelen met beoogd rechtsgevolg. In de Engelse rechtsliteratuur worden die niet met elkaar in verband gebracht. Bekeken met de systematische blik van een civil lawyer valt op dat de rechtsfiguren kunnen worden verdeeld in enerzijds verklaringen waarmee eenzijdig wilsrechten worden uitgeoefend en anderzijds instrumenten waarmee eenzijdig een vermogensverschuiving tot stand kan worden gebracht. Die categorisering blijkt ook wanneer wordt gekeken welke regels van toepassing zijn op de verschillende gevallen van eenzijdig handelen.
Met dit hoofdstuk streef ik twee doelen na. Ten eerste beoog ik de vraag te beantwoorden of erkenning van de eenzijdige rechtshandeling als concept zinvol zou zijn voor het Engelse recht.1 In de tweede plaats trek ik uit de bespiegelingen over het Engelse recht lessen voor het Nederlandse recht. De categorisering van eenzijdig handelen met beoogd rechtsgevolg naar Nederlands recht vloeit voort uit het systeem van het verbintenissenrecht en de schematische uitwerking van rechtsfeiten. Dat betekent echter niet per definitie, dat die categorisering betekenisvol is. Dat het Engelse recht, waar categorisering niet door het rechtssysteem wordt voorgeschreven, de verschillende voorbeelden van eenzijdig handelen met beoogd rechtsgevolg als losstaande figuren beschouwt, leidt mogelijk tot een meer genuanceerde visie op de waarde van een categorie van eenzijdige rechtshandelingen naar Nederlands recht. Hier ga ik nader op in in par. 4.7.
178. Nadat in par. 4.2. de systematische en dogmatische obstakels voor erkenning van de verbintenisscheppende eenzijdige rechtshandeling worden besproken, geef ik in par. 4.3. beknopt weer welke voorbeelden van eenzijdig handelen met beoogd rechtsgevolg in het Engelse recht bestaan en welke regels daarvoor gelden. In par. 4.4. volgt een uitgebreider overzicht van die voorbeelden. Vervolgens onderzoek ik in par. 4.5. de grondslag voor de verschillende benadering van gratuitous promises enerzijds en gratuitous property dispositions anderzijds. In par. 4.6. stip ik een aantal grensgevallen aan – rechtsfiguren waarvan niet uitgekristalliseerd is of ze kunnen worden gekwalificeerd als eenzijdig handelen of die op het eerste gezicht eenzijdig lijken, maar dat uiteindelijk niet blijken te zijn. In par. 4.7. volgt een conclusie.