Einde inhoudsopgave
De turboliquidatie van de BV (VDHI nr. 131) 2016/9.2.0
9.2.0 Introductie
Datum 28-09-2015
- Datum
28-09-2015
- JCDI
JCDI:ADS394496:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Ingevolge het ambtelijk wetsvoorstel Bestuur en Toezicht Rechtspersonen, dat begin 2014 door de minister openbaar werd gemaakt voor een internetconsultatie, zal aan de eerste zin van artikel 2:9 BW de volgende zinsnede worden toegevoegd: ‘en zich daarbij te richten naar het belang van derechtspersoon en de met hem verbonden organisatie’. Hiermee wordt beoogd de norm waarnaar bestuurders zich bij de vervulling van hun taak moeten verrichten, te uniformeren voor alle rechtspersonen. Er wordt geen nieuw intern aansprakelijkheidsregime beoogd. Zie ook: Renssen 2015-3, p. 8-11.
‘Elke bestuurder is tegenover de rechtspersoon gehouden tot een behoorlijke vervulling van zijn taak. Tot de taak van de bestuurder behoren alle bestuurstaken die niet bijof krachtens de wet of de statuten aan een of meer andere bestuurders zijn toebedeeld.’1
Zo luidt het eerste lid van artikel 2:9 BW. In het tweede lid van voormeld artikel is een op de in het eerst lid opgenomen bestuurstaak toegespitste aansprakelijkheidsnorm geformuleerd:
‘Elke bestuurder draagt de verantwoordelijkheid voor de algemene gang van zaken. Hij is voor het geheel aansprakelijk terzake van onbehoorlijk bestuur, tenzij hem medegelet op de aan anderen toebedeelde taken geen ernstig verwijt kan worden gemaakten hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen van onbehoorlijkbestuur af te wenden.’
Hieronder zal eerst de interne aansprakelijkheidsnorm van artikel 2:9 BW worden uitgewerkt (paragraaf 9.2.1), waarna wordt ingegaan op de interne aansprakelijkheid in geval van turboliquidatie (paragraaf 9.2.2).