Stil pandrecht op vorderingen op naam
Einde inhoudsopgave
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/9:9 Traditionele en nieuwe financieringsvormen
Stil pandrecht op vorderingen op naam (O&R nr. 43) 2007/9
9 Traditionele en nieuwe financieringsvormen
Documentgegevens:
mr. ing. A.J. Verdaas, datum 26-05-2025
- Datum
26-05-2025
- Auteur
mr. ing. A.J. Verdaas
- JCDI
JCDI:BSD12874:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie (in het bijzonder Chapter 2 van) Saunders and Schmeits 2002.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De grote financieel-economische belangen die met pandrecht op vorderingen gepaard gaan, zijn de derde aanleiding voor dit boek. Het overgrote deel van de Nederlandse ondernemingen heeft geen rechtstreekse toegang tot de kapitaalmarkt. Het publiekelijk aanbieden van aandelen of obligaties is slechts voor de grootste ondernemingen haalbaar. Ook het aantrekken van onderhandse leningen van institutionele beleggers is slechts voor grotere ondernemingen weggelegd. Verreweg de meeste ondernemingen kunnen in hun financieringsbehoefte echter niet met eigen vermogen voorzien. In de financieringsbehoefte van ondernemingen die geen rechtstreekse toegang hebben tot de kapitaalmarkt wordt in belangrijke mate voorzien door banken.1
Banken zijn tot verstrekking van krediet aan ondernemingen veelal uitsluitend bereid indien zekerheid wordt gesteld. Voor veel ondernemingen in het midden- en kleinbedrijf is een pandrecht op vorderingen een belangrijke en soms zelfs de enige zekerheid die zij kunnen verstrekken. De oorzaak hiervan is dat veel ondernemingen niet over substantiële andere activa beschikken waarop een zekerheidsrecht kan worden gevestigd. Bij dienstverlenende ondernemingen, waarvan de belangrijkste activa meestal bestaan uit geleasde auto’s, een gehuurd kantoorpand, een klantenbestand en vorderingen op afnemers is dit evident. Echter, ook ondernemingen die beschikken over voorraden of andere waardevolle roerende zaken kunnen hierop vaak geen zekerheidsrechten vestigen die voor een bank waardevol zijn. Op voorraden van handelsondernemingen rust veelal een eigendomsvoorbehoud. Minder vlottende activa zoals machines zijn vaak voorwerp van een ‘objectfinanciering’ en als gevolg daarvan eigendom van bijvoorbeeld een leasemaatschappij of verpand aan een andere financier dan de huisbank.
Pandrecht op vorderingen kan ook bij andere financieringsvormen dan bancair krediet een belangrijke rol spelen. Voorbeelden zijn factoring en de effectisering van een portefeuille van geldvorderingen. Een andere minder traditionele toepassing van pandrecht op vorderingen op naam is het gebruik dat er bij ‘intercompany’ financieringen binnen concerns van gemaakt wordt. Een voorbeeld hiervan is een werkmaatschappij die door haar moeder gefinancierd wordt en tot zekerheid van die financiering de vorderingen op haar debiteuren in pand geeft.