De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/7.5.4.2:7.5.4.2 Besluiten
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/7.5.4.2
7.5.4.2 Besluiten
Documentgegevens:
mr. J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
mr. J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS368816:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De controle moet worden uitgedrukt in termen van invloed op besluitvorming. Bij het formele controlecriterium volgt dat reeds uit de definitie van overwegende zeggenschap in art. 1:1 Wft, die aansluit bij het kunnen uitoefenen van stemrechten (§ 7.3.2). Bij het materiële controlecriterium is dat niet anders. Door het besluit bepaalt de vennootschap conform de daarvoor geldende regels en via het desbetreffende orgaan haar wil1; besluitvorming draait dus om de vennootschappelijk wilsvorming. Zoals hierna nog aan de orde zal komen, is de materiële controle niet beperkt tot invloed in de aandeelhoudersvergadering (§ 7.5.4.3).
Een belangrijke vorm van gezamenlijke controleverwerving blijft in deze opzet buiten beeld: een gezamenlijk bod op de “eigen” doelvennootschap. Hier komt geen vennootschappelijke besluitvorming aan te pas.2 Een biedplicht is in zo´n geval echter niet nodig omdat de overige, zittende aandeelhouders nu juist een exit geboden wordt door het bod. Om die reden is ook een vrijstelling opgenomen voor controleverwerving als gevolg van een openbaar bod (§ 15.2.8). Naar mijn mening moet het toepassingsbereik van die vrijstelling zodanig worden opgerekt dat samenwerking ten aanzien van het uitbrengen van een bod daar ook onder valt (§ 15.2.8.2 sub I). In dit soort gevallen spreken de samenwerkende aandeelhouders onderling af dat zij zullen aanmelden onder het bod, waarvoor een specifieke vrijstelling geldt (§ 15.2.10).