De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV
Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/1.2:1.2 Onderzoeksonderwerp en -vragen
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/1.2
1.2 Onderzoeksonderwerp en -vragen
Documentgegevens:
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS388933:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de principal-agent theory: Kraakman e.a. 2009, p. 35 e.v. en De Kluiver 1994, p. 175 en de aldaar vermelde literatuur.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit onderzoek richt zich op de kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV. Dat zijn bijvoorbeeld de eerder genoemde stemrechtloze aandeelhouder en de certificaathouder met of zonder vergaderrecht. Het perspectief van het onderzoek is vanuit de rechthebbende, de kapitaalverschaffer als rechtssubject.
De hoofdvragen van dit onderzoek zijn:
Wat is de verhouding van de kapitaalverschaffer zonder stemrecht tot:
de vennootschap;
het bestuur van de vennootschap;
andere kapitaalverschaffers van de vennootschap met stemrecht in de algemene vergadering?
Door welke rechten, verplichtingen en normen worden die verhoudingen ingevuld?
Hoe kan de kapitaalverschaffer zonder stemrecht invloed op die verhoudingen uitoefenen en zijn rechten waarborgen?
De eerste twee vragen raken ook de in de rechtseconomie ontwikkelde principal-agent theory.1 Deze theorie heeft onder meer haar neerslag gevonden in de vennootschappelijke redelijkheid en billijkheid. Bij de eerste twee vragen is een deelvraag welke factoren in die verhouding en bij die rechtsnormen een rol spelen. In dit onderzoek zullen die factoren worden benoemd.
De derde vraag ligt in het verlengde van het thema ‘meer vrijheid, meer verantwoordelijkheid’. Daarbij speelt ook de eigen verantwoordelijkheid van de kapitaalverschaffer zonder stemrecht een rol. Dat vergt proactiviteit van die kapitaalverschaffer. Als mondige persoon (natuurlijk of rechtspersoon) zal hij dat in veel gevallen ook willen. Hij zal zelf waar mogelijk invloed willen uitoefenen en voor zijn belang willen opkomen. Welke middelen staan hem hiertoe ten dienste?