De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep
Einde inhoudsopgave
De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep (VDHI nr. 139) 2017/6.3.1:6.3.1 Rechtssysteem
De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep (VDHI nr. 139) 2017/6.3.1
6.3.1 Rechtssysteem
Documentgegevens:
mr. S.E. van der Waals, datum 30-01-2017
- Datum
30-01-2017
- Auteur
mr. S.E. van der Waals
- JCDI
JCDI:ADS384345:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Bepaalde onderdelen van het ondernemingsrecht zijn aan landen zelf gelaten. Zo is Noord-Ierland bevoegd eigen wetten op te stellen met betrekking tot het insolventierecht en het ontslaan van bestuurders. Zie Mayson, French & Ryan 2016, p. 22.
Mayson, French & Ryan 2016, p. 21.
Wuisman 2011, p. 193.
McCahery & Vermeulen 2001.
Wuisman 2011, p. 191.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het Verenigd Koninkrijk bestaat uit vier landen: Engeland, Wales, Schotland en Noord-Ierland. Niet alle wetten binnen het VK hebben een universele gelding en sommige wetten gelden slechts in één of enkele van de genoemde landen. Het UKParliament is de enige instantie die bevoegd is om wetten aan te nemen die in heel het VK gelden. Wetten afkomstig van deze instantie worden Acts of Parliament genoemd. Naast deze centrale wetgever hebben alle landen zelf ook een wetgevend orgaan dat, binnen geschetste kaders, eigen wetten ontwerpt.
Het Britse ondernemingsrecht is grotendeels geregeld in Acts of Parliament en heeft ten gevolge hiervan een redelijk ondubbelzinnig karakter.1 Belangrijke wetten zijn bijvoorbeeld de Partnership Act 1890, de Limited Liability Partnerships Act 2000 en de Company Act 2006. Naast het belang van wetten dient het belang van de rechtspraak benadrukt te worden. Omdat het VK een common-lawsysteem kent, worden gerechtelijke uitspraken onderdeel van het recht. Het aantal relevante gerechtelijke uitspraken binnen het ondernemingsrecht is derhalve enorm.2 Ten slotte geldt in het VK Europese regelgeving. Ten gevolge hiervan kan regelgeving afkomstig van de Europese Unie het ondernemingsrecht in het VK beïnvloeden.
Eind jaren negentig van de twintigste eeuw is het ondernemingsrecht in het VK grondig herzien. Zowel het kapitaalvennootschapsrecht als het personenvennootschapsrecht werd gemoderniseerd. Het VK had de ambitie om middels deze modernisering de beste plaats ter wereld te worden waar een vennootschap zich kan vestigen.3 Onder het motto ‘Think Small First’ was een van de belangrijkste aandachtspunten bij de modernisering van het vennootschapsrecht de behoeften van kleine vennootschappen.4 Onder druk van een grote groep van beroepsbeoefenaren en dreigende jurisdictionele concurrentie van buitenaf heeft het VK tijdens deze herzieningen (ook) een nieuwe rechtsvorm geïntroduceerd: de limited liabilitypartnership(LLP).5 Omdat deze rechtsvorm specifiek bedoeld én geschikt is voor beroepsuitoefening zal deze rechtsvorm in deze paragraaf centraal staan.