Toerekening van kennis aan rechtspersonen
Einde inhoudsopgave
Toerekening van kennis aan rechtspersonen (O&R nr. 98) 2017/2.3:2.3 De rol van kennis in het burgerlijk recht
Toerekening van kennis aan rechtspersonen (O&R nr. 98) 2017/2.3
2.3 De rol van kennis in het burgerlijk recht
Documentgegevens:
mr. B.M. Katan, datum 01-01-2017
- Datum
01-01-2017
- Auteur
mr. B.M. Katan
- JCDI
JCDI:ADS601920:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Nieuwenhuis 1988, p. 491. Zie hierover ook Valkhoff 1966, p. 29, Lennarts 2002, p. 57 en Jansen 2016, p. 206.
Bott 2000, p. 168.
Dit is wat Schilken voor het Duitse recht als centrale functie van kennis beschouwt. Zie Schilken 1983, p. 56.
Resp. art. 3:61 lid 2 BW; art. 6:101 BW; art. 6:228 BW.
Bott 2000, p. 168.
Resp. HR 9 januari 1998, NJ 1998/586 en HR 10 januari 2003, NJ 2003/375 (Brals/Octant); HR 17 november 1967, NJ 1968/42 (Pos/Van den Bosch) en HR 17 mei 1985, NJ 1986/760 (Curaçao/Boyé); art. 3:45 BW en art. 42 Fw; art. 2:7 BW.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
31. Kenmerkend voor de rol van kennis in het burgerlijk recht is dat een partij zich er doorgaans op zal willen beroepen dat zij iets niet wist. De gelaedeerde jegens wie een beroep op verjaring wordt gedaan, zal ontkennen dat hij meer dan vijf jaar voor zijn stuitingshandeling bekend was met de schade en de aansprakelijke persoon (art. 3:310 lid 1 BW); de bevoordeelde schuldeiser zal stellen dat hij geen wetenschap had van benadeling (art. 3:45 BW of 42 Fw); de koper van de gestolen zaak zal zeggen dat hij niets wist van de beschikkingsonbevoegdheid van de verkoper (art. 3:86 BW). In de woorden van Nieuwenhuis: “Nergens wordt onwetendheid zozeer beloond als in het burgerlijk recht.”1 Deze constatering wordt gerelativeerd doordat objectieve wetenschap (behoren te weten) vaak volstaat om het beoogde rechtsgevolg te laten intreden. Bovendien worden partijen uit hoofde van hun functie of activiteiten soms eenvoudigweg ‘geacht’ bepaalde kennis te hebben. De weg naar een geslaagd beroep op onwetendheid kan daarnaast echter worden afgesneden om een andere reden, namelijk doordat de kennis van de ene persoon aan de andere persoon wordt toegerekend. Dat toont het belang van het onderhavige onderzoek: wanneer de kennis van een of meerdere natuurlijke personen kan worden toegerekend aan de rechtspersoon, kan dat direct van invloed zijn op de rechtspositie van de rechtspersoon. Wordt aan de rechtspersoon de kennis toegerekend van een functionaris, dan komt de rechtspersoon niet de bescherming toe die hij zou hebben genoten indien hij onwetend zou zijn geacht. Overigens heeft het bezitten of ontberen van kennis op zich geen rechtsgevolg; het rechtsgevolg vloeit altijd voort uit hoe een partij met of zonder die kennis heeft gehandeld of wat een partij ondanks die kennis heeft nagelaten.
32. De reden waarom kennis een bestanddeel is van zoveel normen, is dat kennis een partij in staat stelt om een beslissing te nemen en daarmee een ongewenste ontwikkeling te voorkomen, te stoppen of bij te sturen.2 Daarmee heeft het kennisvereiste in een norm steeds een van twee functies:
het verdelen van risico’s; of
het markeren van de grens tussen verwijtbaar en niet-verwijtbaar handelen.
Kennis heeft een risicoverdelingsfunctie wanneer zij een partij in staat stelt om zichzelf te beschermen tegen bepaalde nadelige gevolgen. Indien de partij desondanks geen maatregelen neemt, komt dit voor haar risico. Het handelen in bezit van de relevante kennis verhindert dan het ontstaan van een vordering op de wederpartij.3 Bij het aangaan van een overeenkomst met een niet-bevoegde vertegenwoordiger, het beoordelen van eigen schuld en de onderzoeksplicht bij dwaling speelt functie (a).4
Kennis heeft functie (b) wanneer zij een partij in staat stelt om een ander te beschermen.5 Laat de partij dit na, terwijl zij de kennis heeft, dan handelt zij verwijtbaar. Het nalaten doet in dit geval een vordering of bevoegdheid van de wederpartij (tot schadevergoeding, vernietiging, etc.) op of jegens de wetende partij ontstaan. Normen waarin kennis deze functie heeft, zijn bijvoorbeeld de zorgplicht van de assurantietussenpersoon, de mededelingsplicht bij dwaling, het onrechtmatig profiteren van wanprestatie, de actio pauliana en het aangaan van een transactie die ertoe leidt dat een rechtspersoon zijn doel overschrijdt.6