Het pre-insolventieakkoord
Einde inhoudsopgave
Het pre-insolventieakkoord 2016/3.4.5.5:3.4.5.5 Executie uitgangspunt, herstructurering vereist nadere waarborgen
Het pre-insolventieakkoord 2016/3.4.5.5
3.4.5.5 Executie uitgangspunt, herstructurering vereist nadere waarborgen
Documentgegevens:
N.W.A. Tollenaar, datum 16-10-2016
- Datum
16-10-2016
- Auteur
N.W.A. Tollenaar
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De conclusie uit de voorgaande paragrafen is dat bij het kiezen van een systeem dat als initieel referentiekader heeft te gelden het systeem voorop staat dat een uitkering in contanten en daarmee een effectieve effectuering van verhaalsrechten waarborgt (het executiesysteem). In het kader van verhaalsuitoefening is de primaire leidraad niet waardemaximalisatie, maar maximalisatie van de opbrengst in contanten. Men zou dit, zoals hiervoor al is betoogd, beter kunnen aanduiden als opbrengst- of prijsmaximalisatie.1 Er zou dan ook primair moeten worden gestreefd naar een systeem dat tot een maximale opbrengst in contanten voor de crediteuren als groep leidt door een zo goed en efficiënt mogelijk gedwongen verkoopproces (voor een onderneming als going concern) te ontwikkelen. Een dwangakkoord, mits goed ingericht, zou een belangrijk nieuw instrument kunnen bieden om een onderneming going concern gedwongen te verkopen waar dat anders niet of alleen met meer schade mogelijk zou zijn, maar is hier niet altijd voor geschikt.2
Dit neemt niet weg dat het onder omstandigheden nog steeds zinvol kan zijn om waardemaximalisatie door middel van een herstructurering (uitkering in natura) na te streven. Daarvoor is dan echter wel nodig de instemming van de crediteuren die daardoor nadelig zouden kunnen worden geraakt of zijn aanvullende randvoorwaarden vereist die de aanspraak van crediteuren op een uitkering in contanten onder het wettelijk liquidatiesysteem voldoende waarborgen.