Uitbesteding in de financiële sector
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/7.3.3:7.3.3 Zuivere premieregelingen
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/7.3.3
7.3.3 Zuivere premieregelingen
Documentgegevens:
mr. drs. P. Laaper, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015,
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS597619:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zo ook: De Lange 1999, nr. 4.2, slot en nr. 4.6.
Over inspanningsverbintenissen, zie: Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I* 2012, nr. 192; Parl. Gesch. Boek 6 BW, p. 264.
Heeft het fonds de risico’s teveel beperkt, dan loopt de begunstigde rendement mis. Heeft het fonds de risico’s te weinig beperkt, dan kan dat tot verlies leiden, maar juist ook tot winst. Beide kansen zijn in principe even groot. Zie par. 3.2.1.
Zie par. 7.2.1.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij een zuivere premieregeling ligt het beleggingsrisico wél bij de begunstigde. De toekenning van pensioenaanspraken aan de begunstigde behelst geen bepaald, maar een onbepaald resultaat, namelijk de uitkomst van alle inleggen plus de daarmee behaalde beleggingsrendementen minus kosten. De prudent person-regel heeft hier een geheel andere functie dan bij andere pensioenregelingen.1
Bij andere pensioenregelingen is de nakoming van de toegekende pensioenaanspraken de verbintenis waartoe het pensioenfonds zich heeft verplicht. De nakoming van die verbintenis is de kernverplichting. De prudent person-regel dient om de nakoming van die verbintenis uit de pensioenovereenkomst te verzekeren.
Bij een zuivere premieregeling is de nakoming van de prudent personregel zelf de kernverplichting. De prudent person-regel fungeert hier als inspanningsverbintenis.2 De prudent person-regel is hier niet te vergelijken met de veiligheidseisen aan een vliegtuig. Ze wordt beter vergeleken met de zorgplicht van een opdrachtnemer.3
Een schending van de prudent person-regel laat de pensioenaanspraak bij “andere pensioenregelingen” ongemoeid. Tegenvallende rendementen of een te hoog risiconiveau in de portefeuille komen voor rekening van het pensioenfonds. De aanspraak van de begunstigden blijft ongemoeid (althans, zolang het fonds niet in onderdekking geraakt en de aanspraken kort).
Bij een zuivere premieregeling daarentegen, zijn de gevolgen van de schending van de prudent person-regel voor de begunstigde. Het is de begunstigde die het teveel aan risico loopt of te weinig rendement krijgt. Een schending van de prudent person-regel kan (en veelal zal)4 voor de begunstigde tot een aantasting van zijn pensioenaanspraak leiden.
Bevindt de begunstigde zich reeds in de uitkeringsfase, dan lijdt hij schade en heeft hij recht op schadevergoeding wegens wanprestatie.5 Bevindt de begunstigde zich nog in de opbouwfase, dan lijdt hij nog geen schade. Het in het pensioenfonds ingelegde vermogen is immers de eigendom van dat fonds. De begunstigde van een zuivere premieregeling heeft enkel een (in omvang onbepaalde) verbintenisrechtelijke aanspraak op het fonds. Voor de begunstigde van een zuivere premieregeling die zich nog in de opbouwfase bevindt, is er op dat moment nog “enkel” sprake van een “papieren” probleem: de omvang van zijn geregistreerde pensioenaanspraak is lager dan waar hij recht op heeft. Hij heeft immers recht op een aanspraak ter grootte van zijn inleg plus het rendement dat bij naleving van de prudent person-regel zou zijn behaald, terwijl het rendement in werkelijkheid lager uitpakte. Hij heeft in dat geval wel recht op aanpassing van zijn geregistreerde aanspraak. Het gaat dan om een vordering tot nakoming.6
De begunstigde van een zuivere premieregeling wordt dus “gecompenseerd” na schending van de prudent person-regel, terwijl dat voor de overige begunstigden niet het geval is. Dit verschil in uitkomst oogt op het eerste gezicht opmerkelijk, maar wordt verklaard doordat voor begunstigden van een zuivere premieregeling het resultaat wél (direct) afhangt van de naleving van de prudent person-regel.
Ongeacht of de begunstigde zich in de opbouwfase of in de uitkeringsfase bevindt, in beide gevallen komt de “compensatie” ten laste van de algemene buffers van het fonds die zijn opgebouwd door de (bijdragen van de) overige begunstigden van het pensioenfonds. Dat wringt. Toch is dit de (meest) rechtvaardige uitkomst. De begunstigden van een zuivere premieregeling verdienen het niet om met de schade als gevolg van schending van de prudent person-regel te blijven zitten. Zolang de schadevergoeding aan begunstigden van zuivere premieregelingen uit de financiële buffers kan worden voldaan, worden de aanspraken van de andere begunstigden (althans op papier) niet aangetast.
In werkelijkheid ligt dit iets genuanceerder. Door de uitkering uit de buffers, loopt het fonds de mogelijkheid mis om met dat kapitaal rendement te maken. De pensioenpremies moeten op termijn misschien worden verhoogd. Dat mogelijke gevolg rechtvaardigt echter niet dat de begunstigden van een zuivere premieregeling een vordering tot schadevergoeding wordt ontzegd. Men moet zich goed voor ogen houden dat deze “overige” begunstigden geen aanspraak hebben op een aandeel in de buffers van het fonds. Het fonds is zelf eigenaar van de buffers. Deze “overige” begunstigden hebben (slechts) aanspraak op een (al dan niet toekomstige) uitkering.
In paragraaf 7.3.4 blijkt dat de aanspraken van begunstigden van een zuivere premieregeling niet altijd “veilig” zijn, als er ook overige begunstigden van een fonds zijn. Geraakt het fonds in onderdekking, dan bestaat wel degelijk de mogelijkheid dat de begunstigden van een zuivere premieregeling gezamenlijk met de overige begunstigden “het schip ingaan”.
Overigens biedt een algemeen pensioenfonds7 de mogelijkheid om alle begunstigden van een zuivere premieregeling in een aparte collectiviteitskring onder te brengen. Dit voorkomt dat een schadevergoeding aan deze begunstigden ten laste komt van de buffers die door de overige begunstigden zijn opgebouwd.