Fusies en overnames in de Europese BTW
Einde inhoudsopgave
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/6.3.7:6.3.7 Conclusie reikwijdte belastingplicht met betrekking tot aandelen
Fusies en overnames in de Europese BTW (FM nr. 146) 2016/6.3.7
6.3.7 Conclusie reikwijdte belastingplicht met betrekking tot aandelen
Documentgegevens:
S.B. Cornielje, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
S.B. Cornielje
- JCDI
JCDI:ADS418162:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De verkoop van een deelneming is in beginsel een handeling die buiten de werkingssfeer van de btw plaatsvindt. Dit is alleen anders indien deze verkoop wordt verricht door een effectenmakelaar of wanneer de verkoop wordt verricht door een houdster die zich moeit in het beheer van de deelneming en deze inmenging bovendien gepaard laat gaan met aan de btw onderworpen handelingen. Daarnaast kan de verkoop worden aangemerkt als belastbare handeling als deze het rechtstreekse, duurzame en noodzakelijke verlengstuk van de belastbare activiteit vormt. Met betrekking tot deze laatste voorwaarde heb ik aangetoond dat deze mogelijkheid in concernverhoudingen veelal tot een verstoring van de economische neutraliteit zal leiden en in die zin niet past binnen het rechtskarakter van de btw. Daarenboven heb ik aangetoond dat de jurisprudentie van het Hof van Justitie met betrekking tot het verlengstukcriterium niet bijdraagt aan de materiële rechtszekerheid, doordat deze jurisprudentie niet wordt gedragen door een gemeenschappelijk en zwaarwegend principe.
De verkoop van een deelneming door een houdster die haar inmenging gepaard laat gaan met aan de btw onderworpen handelingen is een prestatie die in beginsel plaatsvindt binnen de werkingssfeer van de btw. Die verkoop vormt daarmee een van btw-vrijgestelde prestatie op grond van artikel 135 lid 1 onderdeel f Btw-richtlijn. Het lijkt er daarbij op dat de verkoopopbrengst onder omstandigheden kan worden geëlimineerd uit de berekening van het pro rata-aftrekrecht op basis van artikel 174 lid 2 Btw-richtlijn. Binnen concernverhoudingen, bij belast presterende belastingplichtigen zou die uitkomst in overeenstemming zijn met de economische neutraliteit en het rechtskarakter van de btw, aangezien het belastingcumulatie voorkomt. Het is evenwel moeilijk voorstelbaar onder welke omstandigheden de verkoop van een deelneming die als belastingplichtige wordt gehouden, moet worden geacht géén verlengstuk te vormen van de gehele belastbare activiteit van die houdster.