Het legaliteitsbeginsel en de doorwerking van Europees recht in het Nederlandse materiële strafrecht
Einde inhoudsopgave
Het legaliteitsbeginsel en de doorwerking van Europees recht (Meijers-reeks) 2016/4.2.2:4.2.2 Componenten van strafbepalingen
Het legaliteitsbeginsel en de doorwerking van Europees recht (Meijers-reeks) 2016/4.2.2
4.2.2 Componenten van strafbepalingen
Documentgegevens:
J.G.H. Altena, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015
- Auteur
J.G.H. Altena
- Vakgebied(en)
Internationaal strafrecht / Europees strafrecht en strafprocesrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De Hullu 2015, p. 69; Kelk/de Jong 2013, p. 15. Het onderscheid is met name gepropageerd door Binding, zie Simons/Pompe 1937, p. 93-96.
Het gaat om de norm waarvan overtreding een strafbaar feit vormt. Die hoeft niet letterlijk te zijn geformuleerd als een beschrijving van een gedraging.
Met kleine wijziging (ik gebruik de term ‘gedragsomschrijving’ in plaats van ‘gedrag dat van de norm afwijkt’) overgenomen uit Koopmans/Bleichrodt, Verbaan & Verbeek 2013, p. 35.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wie de bronnen van strafrechtelijke aansprakelijkheid in het Europees strafrecht wil bestuderen wordt geconfronteerd met een complicatie van het vraagstuk. Die complicatie is dat in het Europees strafrecht gelede normstelling veel voorkomt, waarbij niet één bepaling de grondslag vormt voor de aansprakelijkheid, maar waarbij een strafbaarstelling verwijst naar een elders gelegen gedragsomschrijving, die vaak weer verspreid ligt over verschillende wetten en lagere regelgeving. Om de vraag te kunnen beantwoorden in welke instrumenten strafrechtelijke aansprakelijkheid kan worden gevestigd, moet daarom eerst worden gekeken wat de frase ‘strafrechtelijke aansprakelijkheid vestigen’ inhoudt. Daarop kan het uitsplitsen van de strafbepaling in een gedragsomschrijving, strafbaarstelling en sanctienorm enig licht werpen.
Om de herkomst van bronnen van strafrechtelijke aansprakelijkheid te kunnen analyseren wordt de strafbepaling onderscheiden in een delictsomschrijving en een sanctienorm.1 De sanctienorm bevat de strafdreiging (en is daarmee onderdeel van het nulla poena-beginsel, niet van het nullum crimen-beginsel), en de delictsomschrijving bevat de omschrijving van de strafbare gedraging. In Koopmans/Bleichrodt, Verbaan & Verbeek wordt de delictsomschrijving nog weer onderverdeeld in de omschrijving van het gedrag dat van de norm afwijkt (kortweg: de gedragsomschrijving2) en de strafbaarstelling, de verklaring dat afwijken van de norm een strafbaar feit oplevert. Doorheen het boek worden deze begrippen steeds in de hier aangeduide technische betekenis gehanteerd. De onderdelen van de strafbepaling worden door Koopmans/Bleichrodt, Verbaan & Verbeek met behulp van een voorbeeld schematisch weergegeven:
Figuur 4.1: De strafbepaling uitgesplitst in een gedragsomschrijving, strafbaarstellingen sanctienorm3
1) gedragsomschrijving
2) strafbaarstelling
3) sanctienorm
Hij die groente verkoopt buiten de veiling om
wordt gestraft
met geldboete van de eerste categorie
Delictsomschrijving
Dit fijnmaziger onderscheid kan worden gebruikt om nader licht te werpen op de taakverdeling tussen de EU en de lidstaten. Per onderdeel van de strafbepaling kunnen twee vragen worden gesteld: 1) kan de EU dit onderdeel dwingend regelen? 2) kan dit onderdeel rechtstreeks werken of rechtstreeks worden toegepast? Deze vragen worden beantwoord in paragraaf 4.4. Eerst komt het type rechtsbronnen in het Europees strafrecht ter sprake.