Einde inhoudsopgave
Uitbesteding in de financiële sector (O&R nr. 88) 2015/7.3.4.4
7.3.4.4 De afwikkeling bij een algemeen pensioenfonds
mr. drs. P. Laaper, datum 01-09-2015
- Datum
01-09-2015,
- Auteur
mr. drs. P. Laaper
- JCDI
JCDI:ADS595262:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 125a Pw, zoals dat na invoering van het algemeen pensioenfonds zal gelden (art. I, sub R, Wetsvoorstel algemeen pensioenfonds).
Kamerstukken II, 2014-2015, 34117, nr. 9, p. 13-14. Zie ook: Maatman & Steneker 2015b, p. 56.
De collectiviteitskringen zullen wel meedelen in de boedelkosten (art. 123, lid 5, Pw, zoals dat na invoering van het algemeen pensioenfonds zal gelden. Zie daarvoor art. I, sub R, Wetsvoorstel algemeen pensioenfonds). Zie ook: Maatman & Steneker 2015b, p. 56-57.
Hierboven ging ik (impliciet) uit van een onderdekkingssituatie bij een “gewoon” pensioenfonds. Bij het in te voeren algemene pensioenfonds liggen de zaken net iets anders. Bij het algemene pensioenfonds wordt het voor pensioenfondsen geldende financiële toetsingskader niet op het fonds als geheel, maar per collectiviteitskring toegepast.1 Per collectiviteitskring houdt het fonds een afgescheiden vermogen aan. Het fonds kan per collectiviteitskring financiële buffers opbouwen; er kan per collectiviteitskring een onderdekking ontstaan en het fonds kan per collectiviteitskring pensioenaanspraken korten. De structuur waarbij het fonds voor elke collectiviteitskring een afgescheiden vermogen aanhoudt, verhindert dat begunstigden die schade hebben geleden, die schade kunnen verhalen op een andere collectiviteitskring.2 Het verhindert echter niet dat begunstigden met een vordering uit wanprestatie of onrechtmatige daad hun schade verhalen op het “werkkapitaal” van het algemene pensioenfonds. Met het “werkkapitaal” doel ik op het vermogen van het algemeen pensioenfonds, dat niet in een afgescheiden vermogen is ondergebracht, en dat dient om algemene kosten zoals de kosten van huisvesting te dekken. Het is maar de vraag of het aanwezige kapitaal volstaat om eventuele schadevorderingen in verband met een schending van de prudent person-regel te dekken. In dat geval dreigt het faillissement van het algemeen pensioenfonds. Ook dan verhindert de structuur met afgescheiden vermogens dat begunstigden hun schade verhalen op het afgescheiden vermogen van een andere collectiviteitskring.3