Einde inhoudsopgave
Protocol betreffende het statuut van het Hof van Justitie van de Europese Unie
Artikel 49 bis [Bijstand door advocaat-generaal]
Geldend
Geldend vanaf 01-09-2024
- Redactionele toelichting
1. Verzoeken om een prejudiciële beslissing die zijn ingediend op grond van art. 267 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en aanhangig zijn bij het Hof van Justitie op de eerste dag van de maand volgend op de datum van inwerkingtreding van deze verordening worden behandeld door het Hof van Justitie. 2. Hogere voorzieningen tegen beslissingen van het Gerecht over een besluit van een kamer van beroep van een van de in art. 58 bis, eerste alinea, punten e) tot en met j), genoemde organen of instanties van de Unie en tegen in art. 58 bis, tweede alinea, punt b) bedoelde besluiten, die bij het Hof aanhangig zijn op de datum van de inwerkingtreding van deze verordening, vallen niet onder het mechanisme voor voorafgaande toelating van hogere voorzieningen.
- Bronpublicatie:
11-04-2024, PbEU L 2024, 2024/2019 (uitgifte: 12-08-2024, regelingnummer: 2024/2019)
- Inwerkingtreding
01-09-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
11-04-2024, PbEU L 2024, 2024/2019 (uitgifte: 12-08-2024, regelingnummer: 2024/2019)
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Het Gerecht wordt voor de behandeling van de overeenkomstig artikel 50 ter doorgezonden verzoeken om een prejudiciële beslissing bijgestaan door een of meer advocaten-generaal.
In overeenstemming met het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, kiezen de rechters van het Gerecht uit hun midden de leden die de functie van advocaat-generaal zullen uitoefenen. In de periode waarin die leden de functie van advocaat-generaal uitoefenen, mogen zij niet als rechter zetelen in zaken betreffende verzoeken om een prejudiciële beslissing.
Voor elk verzoek om een prejudiciële beslissing wordt de advocaat-generaal gekozen uit de voor die functie gekozen rechters die behoren tot een andere kamer dan die waaraan het betrokken verzoek is toegewezen.
De rechters die worden gekozen om de in de tweede alinea bedoelde functies uit te oefenen, worden gekozen voor een periode van drie jaar. Zij zijn eenmaal herbenoembaar.