Einde inhoudsopgave
Verordening (EG) nr. 6/2002 betreffende Uniemodellen
Artikel 50 Opschorting van publicatie
Geldend
Geldend van 08-12-2024 tot 01-07-2026
- Redactionele toelichting
Wordt toegepast vanaf 01-05-2025.
- Bronpublicatie:
23-10-2024, PbEU L 2024, 2024/2822 (uitgifte: 18-11-2024, regelingnummer: 2024/2822)
- Inwerkingtreding
08-12-2024
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
23-10-2024, PbEU L 2024, 2024/2822 (uitgifte: 18-11-2024, regelingnummer: 2024/2822)
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Modellen- en merkenrecht
1.
De indiener van een aanvraag voor een ingeschreven Uniemodel kan bij het indienen van de aanvraag verzoeken de publicatie van het ingeschreven Uniemodel tot dertig maanden na de datum van indiening van de aanvraag of, indien er aanspraak op voorrang wordt gemaakt, na de datum van voorrang op te schorten.
2.
Wanneer een in lid 1 van dit artikel bedoeld verzoek wordt gedaan en indien wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 48, vindt de inschrijving als ingeschreven Uniemodel plaats, doch wordt, met inachtneming van artikel 74, lid 2, noch de afbeelding van het model, noch enig dossier betreffende de aanvraag voor het publiek ter inzage gelegd.
3.
Het Bureau publiceert in het Uniemodellenblad een vermelding van een in lid 1 bedoeld verzoek. De vermelding bevat gegevens aan de hand waarvan de identiteit van de houder van het ingeschreven Uniemodel, de naam van de eventuele vertegenwoordiger, de datum van indiening van de aanvraag en van inschrijving van het model, en het dossiernummer van de aanvraag kunnen worden vastgesteld. Noch de afbeelding van het model, noch enige informatie betreffende de verschijningsvorm ervan worden gepubliceerd.
4.
Bij het verstrijken van de termijn van opschorting of, indien de houder daarom verzoekt, op een vroegere datum legt het Bureau alle aantekeningen in het register alsmede het dossier betreffende de aanvraag ter inzage van het publiek en publiceert het ingeschreven Uniemodel in het Uniemodellenblad.
5.
De houder kan de in lid 4 van dit artikel bedoelde publicatie van het ingeschreven Uniemodel voorkomen door uiterlijk drie maanden vóór het verstrijken van de termijn van opschorting een verzoek om afstand van het Uniemodel overeenkomstig artikel 51 in te dienen. Verzoeken om inschrijving van de afstand in het register die niet aan de vereisten van artikel 51 en van de op grond van artikel 51 bis vastgestelde uitvoeringshandelingen voldoen, of die na de in dit lid genoemde termijn van drie maanden zijn ingediend, worden afgewezen.
6.
In het geval van een inschrijving op basis van een meervoudige aanvraag op grond van artikel 37, geeft de houder, samen met het in lid 4 bedoelde verzoek om eerdere publicatie of het in lid 5 bedoelde verzoek om afstand, duidelijk aan welke van de modellen in die aanvraag eerder moeten worden gepubliceerd of waarvan afstand moet worden gedaan en voor welke modellen opschorting van de publicatie moet worden voortgezet.
7.
Indien de houder niet aan de in lid 6 gestelde eis voldoet, verzoekt het Bureau de houder dit gebrek binnen een bepaalde termijn te verhelpen; deze termijn mag in geen geval na de opschortingstermijn van dertig maanden verstrijken.
8.
Indien het in lid 7 bedoelde gebrek niet binnen de opgegeven termijn wordt verholpen, wordt het verzoek om eerdere publicatie geacht niet te zijn ingediend of wordt het verzoek om afstand afgewezen.
9.
Tijdens de duur van de opschorting mag een rechtsvordering op grond van een ingeschreven Uniemodel slechts worden ingesteld, indien de gedaagde van de in het register en in het dossier betreffende de aanvraag vervatte informatie in kennis is gesteld.