Einde inhoudsopgave
Uitvoeringsregeling GLB 2023
Artikel 10 Aanvraag
Geldend
Geldend vanaf 10-10-2025
- Bronpublicatie:
07-10-2025, Stcrt. 2025, 22614 (uitgifte: 09-10-2025, regelingnummer: WJZ/ 97203757)
- Inwerkingtreding
10-10-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
07-10-2025, Stcrt. 2025, 22614 (uitgifte: 09-10-2025, regelingnummer: WJZ/ 97203757)
- Vakgebied(en)
Agrarisch recht (V)
Overheidsfinanciën / EU-financiën
1.
Een landbouwer die aanspraak maakt op betalingen als bedoeld in artikel 2, eerste of tweede lid, dient hiertoe in de periode van 1 maart tot en met 15 mei van het aanvraagjaar een aanvraag in. Wanneer 15 mei een zaterdag of zondag is wordt de uiterste termijn verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag of zondag is.
2.
De aanvraag wordt gedaan door middel van een door de minister beschikbaar gesteld elektronisch formulier en bevat in ieder geval:
- a.
een opgave van alle percelen met de daarop in het aanvraagjaar geteelde of te telen gewassen en in voorkomend geval alle landschapselementen, die op de peildatum ter beschikking van de landbouwer staan;
- b.
een opgave van de in het aanvraagjaar gerealiseerde of te realiseren eco-activiteiten, bedoeld in de artikelen 18 tot en met 24, per perceel;
- c.
een opgave van de zeldzame landbouwhuisdierrassen, als bedoeld in artikel 28, die betrekking hebben op het desbetreffende aanvraagjaar;
- d.
het BTW-nummer van de landbouwer en, indien van toepassing, de naam van de moedermaatschappij of dochteronderneming met het daarbij behorende BTW-nummer;
- e.
ingeval van de teelt van hennep, het geteelde ras en een indicatie van de hoeveelheid gebruikt zaaizaad, uitgedrukt in kilogrammen per hectare; en
- f.
indien van toepassing een accountantsverklaring als bedoeld in artikel 5, derde lid.
3.
De landbouwer houdt gedurende de periode tussen 15 mei en 15 oktober van het aanvraagjaar de bij de aanvraag ingediende gegevens actueel met dien verstande dat nadat zich een wijziging heeft voorgedaan, onverwijld door middel van een door de minister beschikbaar gesteld formulier een wijziging van de gegevens wordt ingediend, voor zover die wijziging betrekking heeft op:
- a.
de gewassen die per perceel worden geteeld;
- b.
de in de aanvraag per perceel opgenomen eco-activiteiten als bedoeld in de artikelen 18 tot en met 24 die niet, gedeeltelijk niet, of niet volgens de voorwaarden, worden uitgevoerd; of
- c.
het aanwezig zijn van noemenswaardige hinder voor de uitoefening van landbouwactiviteiten op een perceel.
4.
Na de in het eerste lid bedoelde uiterste datum kunnen geen wijzigingen meer worden aangebracht in de aanvraag, behoudens gevallen als bedoeld in het derde lid en artikel 59, zesde lid, van verordening (EU) 2021/2116, die tot en met 15 oktober kunnen worden ingediend, en gevallen als bedoeld in artikel 46.
5.
De landbouwer die aanspraak maakt op betalingen verklaart voorts:
- a.
te voldoen aan de voorwaarden, bedoeld in de artikelen 3, 4, tweede lid, 5 en 7, zesde lid;
- b.
toestemming te verlenen aan de minister om persoonsgegevens te verwerken ten behoeve van de controle op de naleving van deze regeling;
- c.
toestemming te verlenen voor het gebruik van areaalmonitoring; en
- d.
toestemming te verlenen aan de minister om (persoons)gegevens aan de certificerende instantie door te geven ten behoeve van controle door de certificerende instantie op deelname en voldoen aan de eco-activiteit weiden, bedoeld in artikel 22.
6.
In geval het indienen van de aanvraag op of kort voor de uiterste datum, bedoeld in het eerste lid, langere tijd niet mogelijk is door een calamiteit aan de kant van het elektronisch loket kan de minister met inachtneming van een redelijke termijn een nieuw tijdstip voor uiterste indiening van de aanvraag bepalen.
7.
De minister beslist op de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk op 30 juni van het jaar volgend op het aanvraagjaar.