Einde inhoudsopgave
Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
Artikel 2.3.3 Vergoeding kosten scholing
Geldend
Geldend vanaf 09-01-2025
- Bronpublicatie:
16-12-2024, Stb. 2025, 4 (uitgifte: 08-01-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Inwerkingtreding
09-01-2025
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
16-12-2024, Stb. 2025, 4 (uitgifte: 08-01-2025, kamerstukken/regelingnummer: -)
- Vakgebied(en)
Ambtenarenrecht / Bijzondere onderwerpen
Staatsrecht / Decentralisatie
1.
De kosten voor niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van de functie van statenlid, gedeputeerde of commissaris komen ten laste van de provincie, op voorwaarde dat gedeputeerde staten van oordeel zijn dat de prijs/kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is en de kosten ervan niet reeds uit anderen hoofde voor vergoeding in aanmerking komen.
2.
Provinciale staten kunnen voor de toepassing van het eerste lid nadere regels stellen voor zover het de scholing van statenleden betreft. Gedeputeerde staten kunnen voor de toepassing van het eerste lid nadere regels stellen voor zover het de scholing van de commissaris of gedeputeerden betreft.
3.
Onder de kosten, bedoeld in het eerste lid, worden mede begrepen reiskosten voor het volgen van de scholing. De reiskosten worden berekend met overeenkomstige toepassing van de nadere regels op grond van artikel 2.1.7 onderscheidenlijk 2.2.9.