Op 19 mei 2025 heeft staatssecretaris Van Oostenbruggen de Wet werkelijk rendement box 3 aangeboden aan de Tweede Kamer. Met dit wetsvoorstel betalen belastingplichtigen alleen belasting over wat zij daadwerkelijk hebben verdiend met hun vermogen in box 3. Doel is om het nieuwe stelsel 1 januari 2028 in te voeren.
Met het nieuwe stelsel wordt het werkelijk rendement in box 3 belast, waardoor belastingplichtigen belasting betalen over wat zij daadwerkelijk hebben verdiend met hun vermogen. Hierdoor betaalt een spaarder met een laag rendement minder belasting dan een belegger met een hoog rendement. Voor het berekenen van het werkelijke rendement zijn wel meer gegevens nodig ten opzichte van het huidige stelsel. Het kabinet wil de administratieve last zoveel mogelijk beperken. Voor 2,5 miljoen belastingplichtigen wordt de aangifte zoveel mogelijk vooraf ingevuld met gegevens van Nederlandse financiële instellingen.
Het rendement waarover belasting wordt betaald, bestaat uit het directe rendement en het indirecte rendement. Onder het directe rendement valt rente, huur en dividend met aftrek van kosten. Het indirecte rendement bestaat uit de positieve of negatieve waardeontwikkeling van bijvoorbeeld aandelen of vastgoed. De waardeontwikkeling wordt in principe jaarlijks belast met een vermogensaanwasbelasting. Alleen de waardeontwikkeling van onroerende zaken en aandelen in startups wordt pas belast bij verkoop met een vermogenswinstbelasting. Daarnaast wordt er gewerkt met een nieuwe definitie voor startups, die beter aansluit aan bij de atypische aspecten van dit type bedrijven.
Als sprake is van een verlies, dan mogen de verliezen verrekend worden met box 3-inkomen uit toekomstige jaren. De eigen woning (het hoofdverblijf) blijft in box 1. Dat verandert niet door dit voorstel.
Bij het maken van het wetsvoorstel is ook het advies van de Raad van State meegewogen. In dit advies is ook een aantal alternatieve opties aangedragen. Vervolgens zijn het advies, de aangedragen alternatieven en alle gemaakte keuzes nogmaals beoordeeld. Een stelsel op basis van werkelijk rendement, met een combinatie van vermogensaanwas- en vermogenswinstbelasting blijft de beste optie. Alle alternatieve opties scoren niet beter op uitvoerbaarheid, doenvermogen, complexiteit, juridische houdbaarheid en budgettaire gevolgen ten opzichte van het stelsel dat is ingediend.
Vervolg
De beoogde invoeringsdatum van het nieuwe stelsel is 1 januari 2028. Om dit te halen moet het wetsvoorstel uiterlijk 15 maart 2026 door de Tweede Kamer zijn aangenomen. Dit is nodig om banken en verzekeraars voldoende tijd te geven om hun software aan te passen voor het nieuwe stelsel. De nieuwe definitie voor startups wordt via een nota van wijziging verwerkt in het voorstel.
Stand van zaken
Het voorstel is ingediend bij de Tweede Kamer. Op 10 februari 2026 heeft de Tweede Kamer 13 moties aangenomen, de nrs. 13, 15, 18, 19, 22, 23, 25, 26, 27, 33, 34, 35 en 41. Op 12 februari 2026 is het wetsvoorstel aangenomen door de Tweede Kamer. Ook amendement nr. 11 over een evaluatie na drie jaar is aangenomen.
Documenten bij dit thema
Wetgeving
De voorgestelde versie per 1 januari 2028 is nog niet beschikbaar.
Wetsvoorstel Wet Werkelijk Rendement, mr. dr. G.M.C.M. Staats, TFO 2025/201.2
Over rechtvaardige belasting, vakantiewoningen en het zakelijkheidsbeginsel, P.G.H. Albert, WFR 2025/251
Nota naar aanleiding van het verslag wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 naar Tweede Kamer, V-N 2025/39.16.1
Wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 en illiquide activa: een pleidooi voor aanpassing van het criterium voor uitzondering op de vermogensaanwasbelasting, P.H.M. Flipsen, J.W.J. van der Lee & E.H. Pijnacker Hordijk, WFR 2025/236
Al is de leugen nog zo snel …, E. van Uunen, WFR 2025/228
Wet (on)werkelijk rendement en vastgoed, prof. dr. T.M. Berkhout, WFR 2025/215
Fundamentele gebreken in de nieuwe box 3-wetgeving, R.A. van der Jagt, J.H.M. Nieuwenhuizen, WFR 2025/202
Rente of (nog) geen rente?, E.A. van Uunen, WFR 2025/182
Heffing van vermogensbelasting is geen goed idee, E.J.W. Heithuis, WFR 2025/196
Heffing van vermogensbelasting is een goed idee, H.J. Meijer, WFR 2025/197
Vermogensaanwas-, vermogenswinstbelasting of een combinatie van beide? Dr. R.P. van den Dool, TFO 200.3
Wet werkelijk rendement box 3. Memorie van toelichting. V-N 2025/28.2
Redactie
Op 19 mei 2025 heeft staatssecretaris Van Oostenbruggen de Wet werkelijk rendement box 3 aangeboden aan de Tweede Kamer. Met dit wetsvoorstel betalen belastingplichtigen alleen belasting over wat zij daadwerkelijk hebben verdiend met hun vermogen in box 3. Doel is om het nieuwe stelsel 1 januari 2028 in te voeren.
Met het nieuwe stelsel wordt het werkelijk rendement in box 3 belast, waardoor belastingplichtigen belasting betalen over wat zij daadwerkelijk hebben verdiend met hun vermogen. Hierdoor betaalt een spaarder met een laag rendement minder belasting dan een belegger met een hoog rendement. Voor het berekenen van het werkelijke rendement zijn wel meer gegevens nodig ten opzichte van het huidige stelsel. Het kabinet wil de administratieve last zoveel mogelijk beperken. Voor 2,5 miljoen belastingplichtigen wordt de aangifte zoveel mogelijk vooraf ingevuld met gegevens van Nederlandse financiële instellingen.
Het rendement waarover belasting wordt betaald, bestaat uit het directe rendement en het indirecte rendement. Onder het directe rendement valt rente, huur en dividend met aftrek van kosten. Het indirecte rendement bestaat uit de positieve of negatieve waardeontwikkeling van bijvoorbeeld aandelen of vastgoed. De waardeontwikkeling wordt in principe jaarlijks belast met een vermogensaanwasbelasting. Alleen de waardeontwikkeling van onroerende zaken en aandelen in startups wordt pas belast bij verkoop met een vermogenswinstbelasting. Daarnaast wordt er gewerkt met een nieuwe definitie voor startups, die beter aansluit aan bij de atypische aspecten van dit type bedrijven.
Als sprake is van een verlies, dan mogen de verliezen verrekend worden met box 3-inkomen uit toekomstige jaren. De eigen woning (het hoofdverblijf) blijft in box 1. Dat verandert niet door dit voorstel.
Bij het maken van het wetsvoorstel is ook het advies van de Raad van State meegewogen. In dit advies is ook een aantal alternatieve opties aangedragen. Vervolgens zijn het advies, de aangedragen alternatieven en alle gemaakte keuzes nogmaals beoordeeld. Een stelsel op basis van werkelijk rendement, met een combinatie van vermogensaanwas- en vermogenswinstbelasting blijft de beste optie. Alle alternatieve opties scoren niet beter op uitvoerbaarheid, doenvermogen, complexiteit, juridische houdbaarheid en budgettaire gevolgen ten opzichte van het stelsel dat is ingediend.
Vervolg
De beoogde invoeringsdatum van het nieuwe stelsel is 1 januari 2028. Om dit te halen moet het wetsvoorstel uiterlijk 15 maart 2026 door de Tweede Kamer zijn aangenomen. Dit is nodig om banken en verzekeraars voldoende tijd te geven om hun software aan te passen voor het nieuwe stelsel. De nieuwe definitie voor startups wordt via een nota van wijziging verwerkt in het voorstel.
Stand van zaken
Het voorstel is ingediend bij de Tweede Kamer. Op 10 februari 2026 heeft de Tweede Kamer 13 moties aangenomen, de nrs. 13, 15, 18, 19, 22, 23, 25, 26, 27, 33, 34, 35 en 41. Op 12 februari 2026 is het wetsvoorstel aangenomen door de Tweede Kamer. Ook amendement nr. 11 over een evaluatie na drie jaar is aangenomen.
Documenten bij dit thema
Wetgeving
De voorgestelde versie per 1 januari 2028 is nog niet beschikbaar.
Art. 1.12 Wet IB 2001
Art. 2.8 Wet IB 2001
Art. 2.13 Wet IB 2001
Art. 2.14 Wet IB 2001
Art. 2.15 Wet IB 2001
Art. 2.16 Wet IB 2001
Art. 2.17 Wet IB 2001
Art. 2.18 Wet IB 2001
Art. 3.16 Wet IB 2001
Art. 3.17 Wet IB 2001
Art. 3.95a Wet IB 2001
Art. 3.100 Wet IB 2001
Art. 3.111 Wet IB 2001
Art. 3.119a Wet IB 2001
Art. 3.127 Wet IB 2001
Art. 4.14 Wet IB 2001
Art. 4.15 Wet IB 2001
Art. 5.1 t/m 5.69 Wet IB 2001
Art. 6.2 Wet IB 2001
Art. 7.7 Wet IB 2001
Art. 7.8 Wet IB 2001
Art. 9.4 Wet IB 2001
Art. 9.4bis Wet IB 2001
Art. 9.4ter Wet IB 2001
Art. 9.4a Wet IB 2001
Art. 9.5a Wet IB 2001
Art. 10.1 Wet IB 2001
Art. 10.6ter Wet IB 2001
Art. 10.8a Wet IB 2001
Art. 10.11 Wet IB 2001
Art. 10a.15 Wet IB 2001
Art. 10a.25 t/m 10a.31 Wet IB 2001
Hoofdstuk 2, art. I onderdeel AL Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001
Hoofdstuk 2, art. I onderdeel AM Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001
Hoofdstuk 2, art. I onderdeel AN Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001
Hoofdstuk 2, art. I onderdeel AP Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001
Hoofdstuk 2, art. I onderdeel APa Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001
Art. 24 Invorderingswet 1990
Art. 25 Invorderingswet 1990
Art. 26 Invorderingswet 1990
Art. 28 Invorderingswet 1990
Art. 70g Invorderingswet 1990
Art. 70h Invorderingswet 1990
Literatuur
Invoeringsdatum eventuele structuurwijzigingen Wet werkelijk rendement box 3 onzeker, V-N 2026/7.4
Nieuw kabinet kiest alsnog voor vermogenswinstbelasting, column TaxLive, Eric van Uunen
Nieuwe box 3-stelsel bijna door de Tweede Kamer, mr. drs. D.J.J. Altena, WFR 2026/55
Nieuw box 3-stelsel als voldongen feit, WFR 2026/38
Nieuwe definitie start-ups en scale-ups niet langer via wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3, V-N 2026/6.5
Kamervragen beantwoord over berichtgeving belastingontwijking box 3, V-N 2026/5.4
Ook landgoederen in de knel in nieuwe box 3-stelsel, WFR 2026/26
‘De vordering op de koper van een onderneming en box 3’, TaxLive
Visie van de staatssecretaris van Financiën op mogelijkheden tot belastingoptimalisatie in box 3, Column Eric van Uunen op TaxLive
Belastingplan 2026. Brief aan de Eerste Kamer d.d. 1 december 2025 inzake gevolgen aangenomen amendementen pakket Belastingplan 2026, V-N 2025/58.2
Wetsvoorstel Wet Werkelijk Rendement, mr. dr. G.M.C.M. Staats, TFO 2025/201.2
Over rechtvaardige belasting, vakantiewoningen en het zakelijkheidsbeginsel, P.G.H. Albert, WFR 2025/251
Nota naar aanleiding van het verslag wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 naar Tweede Kamer, V-N 2025/39.16.1
Wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 en illiquide activa: een pleidooi voor aanpassing van het criterium voor uitzondering op de vermogensaanwasbelasting, P.H.M. Flipsen, J.W.J. van der Lee & E.H. Pijnacker Hordijk, WFR 2025/236
Al is de leugen nog zo snel …, E. van Uunen, WFR 2025/228
Wet (on)werkelijk rendement en vastgoed, prof. dr. T.M. Berkhout, WFR 2025/215
Fundamentele gebreken in de nieuwe box 3-wetgeving, R.A. van der Jagt, J.H.M. Nieuwenhuizen, WFR 2025/202
Rente of (nog) geen rente?, E.A. van Uunen, WFR 2025/182
Heffing van vermogensbelasting is geen goed idee, E.J.W. Heithuis, WFR 2025/196
Heffing van vermogensbelasting is een goed idee, H.J. Meijer, WFR 2025/197
Vermogensaanwas-, vermogenswinstbelasting of een combinatie van beide? Dr. R.P. van den Dool, TFO 200.3
Wet werkelijk rendement box 3. Memorie van toelichting. V-N 2025/28.2
Wet werkelijk rendement box 3. Voorgestelde wettekst met artikelsgewijze toelichting, V-N 2025/28.3
Vermogensaanwas of vermogenswinst belasten, mr. C.B. Bavinck,WFR 2025/157
Wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3, VFP 2025/87
Nieuwe heffing voor box 3-vastgoed, column Peter Pleijsant, TaxLive
Voorgestelde Wet werkelijk rendement box 3 blijft volgens kabinet beste optie, V-N 2025/8.5
NOB: Nederland kiest voor uitzonderingspositie met vermogensaanwasbelasting, TaxLive
De struikelgang naar een belasting over werkelijk inkomen uit vermogen, prof. dr. L.G.M. Stevens, WFR 2025/64
Onroerende zaken onder de Wet werkelijk rendement box 3, mr. R. Stam, VFP 2024/19
Inwerkingtreding Wet werkelijk rendement box 3 uitgesteld naar 2028, V-N 2025/2.7
Moore challenges? Inzichten uit de Amerikaanse Moore-zaak voor de Nederlandse box 3-plannen, Mr. J.R. Goudsmit & mr. L.W.M. Jorissen, WFR 2024/320
NOB: forfaitaire heffing over vakantiewoning is niet houdbaar, TaxLive
Wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 naar Raad van State, V-N 2024/31.9
Heffing over het werkelijk rendement in box 3, mr. C.B. Bavinck & prof. dr. R.P.C. Cornelisse, WFR 2024/145
RB blijft twijfelen aan Europese houdbaarheid vermogensaanwasbelasting in nieuw box 3-stelsel, TaxLive
Technische verbeteringen in conceptwetsvoorstel box 3, TaxVisions
Technische verbeteringen aangebracht in wetsvoorstel werkelijk rendement box 3, V-N 2024/7.3
Box 3: eerst genieten, dan belasten! D.L. Aulia BSc, WFR 2024/174
RB vreest voor belasting op inflatiewinsten in voorstel nieuw box 3-stelsel, TaxLive
NOB ziet haken en ogen aan totaalwinstgedachte in consultatievoorstel box 3, TaxLive
Internetconsultatie werkelijk rendement box 3, TaxVisions
Internetconsultatie Wet werkelijk rendement box 3 gestart, V-N 2023/43.3
Naslag
Parlementaire geschiedenis
Documenten:
36748, bijgewerkt t/m nr. 11 (aangenomen amendement d.d. 12 februari 2026)
Gewijzigd amendement van het lid Hoogeveen ter vervanging van nr. 39 over de mogelijkheid van achterwaartse verliesverrekening naar het voorafgaande kalenderjaar, 36748, nr. 43
Nader gewijzigd amendement van het lid Hoogeveen ter vervanging van nr. 32 over een doorschuiffaciliteit bij een overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden, 36748, nr. 42
Aangenomen gewijzigde motie van het lid Van Eijk c.s. over een verkenning naar een uitvoerbare tegenbewijsregeling voor het werkelijke voordeel van eigen gebruik van onroerende zaken en de openingsbalanswaarde van vastgoed in box 3 (t.v.v. 36748-16), 36748, nr. 41
Tweede nader gewijzigd amendement van het lid Grinwis c.s. ter vervanging van nr. 37 over het niet belasten van vervreemdingsvoordelen bij NSW-landgoederen, 36748, nr. 40
Gewijzigd amendement van het lid Hoogeveen ter vervanging van nr. 9 over de mogelijkheid van achterwaartse verliesverrekening naar het voorafgaande kalenderjaar, 36748, nr. 39 (vervangen door nr. 43)
Gewijzigd amendement van het lid Grinwis ter vervanging van nr. 29 over over een norm van ten minste 80 procent bij reguliere voordelen uit verhuur van een woning, 36748, nr. 38
Nader gewijzigd amendement van het lid Grinwis c.s. ter vervanging van nr. 12 over het niet belasten van vervreemdingsvoordelen bij NSW-landgoederen, 36748, nr. 37 (vervangen door nr. 40)
Amendement van het lid Vermeer over verhoging van het heffingsvrije resultaat naar 3600 euro, 36748, nr. 36
Aangenomen motie van het lid Vermeer, verzoekt de regering zo snel als mogelijk maar uiterlijk bij het Belastingplan 2029 een box 3-stelsel gebaseerd op vermogenswinstbelasting te presenteren, inclusief dekkingsopties, 36748, nr. 35
Aangenomen motie van de leden Grinwis en Vermeer over de nadelen onderzoeken van de leegwaarderatiocorrectie bij de beginwaarde van een woning bij inwerkingtreding van het nieuwe box 3-stelsel, 36748, nr. 34
Aangenomen motie van de leden Grinwis en Vermeer over een regeling uitwerken waarin bij vererving of schenking de papieren waardestijging van NSW-landgoederen niet wordt belast, 36748, nr. 33
Gewijzigd amendement van het lid Hoogeveen ter vervanging van nr. 8 over een doorschuiffaciliteit bij een overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden, 36748, nr. 32 (vervangen door nr. 42)
Amendement van het lid Grinwis over het verhogen van het heffingsvrij resultaat en het verlagen van de grens van de eerste schijf in de Successiewet, 36748, nr. 31
Amendement van de leden Stultiens en Teunissen over het vervangen van de uitzonderingspositie voor vastgoed door een vermogensaanwasbelasting, 36748, nr. 30
Amendement van het lid Grinwis over het bij reguliere voordelen stellen van een norm van ten minste 300 dagen voor het verhuren van een woning, 36748, 29 (vervangen door nr. 38)
Beslisnota bij Beantwoording resterende vragen gesteld tijdens het wetgevingsoverleg, gehouden op 19 januari 2026, over Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3) (Kamerstuk 36748) en appreciatie van de ingediende moties en amendementen
Beantwoording resterende vragen gesteld tijdens het wetgevingsoverleg, gehouden op 19 januari 2026, over Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3) (kamerstuk 36748) en appreciatie van de ingediende moties en amendementen, 36748, nr. 28
Aangenomen motie van het lid Inge van Dijk (CDA) c.s. over in kaart brengen hoe het hybride stelsel kan worden doorontwikkeld naar een volledige vermogenswinstbelasting, 36748, nr. 27
Aangenomen motie van het lid Inge van Dijk (CDA) c.s. over een aanvullend onderzoek naar rendementen op vakantiewoningen, 36748, nr. 26
Aangenomen motie van het lid Oosterhuis (D66) c.s. over bij grote vermogenswinstheffingen bij ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen de mogelijkheid tot een betalingsregeling actief onder de aandacht brengen, 36748, nr. 25
Motie van het lid Stultiens (GroenLinks-PvdA) over bij het komende Belastingplan toewerken naar een progressief belastingstelsel, 36748, nr. 24
Aangenomen motie van het lid Stoffer (SGP) c.s. over oplossingen ten aanzien van de vererving of schenking van verpachte landbouwgronden, 36748, nr. 23
Aangenomen motie van het lid Stoffer (SGP) c.s. over in de Wet werkelijk rendement box 3 een passende en afgebakende definitie opnemen van familiebedrijven, 36748, nr. 22
Motie van het lid Stoffer (SGP) c.s. over een invoeringstoets op de Wet werkelijk rendement box 3, 36748, nr. 21
Motie van het lid Vlottes (PVV) over enkel gerealiseerde winsten belasten op basis van een vermogenswinstbelasting, 36748, nr. 20
Aangenomen motie van het lid Van Eijk (VVD) c.s. over een brede fiscale regeling om langetermijnbeleggen in Nederlandse en Europese ondernemingen aantrekkelijker te maken, 36748, nr. 19
Wet werkelijk rendement box 3 (ongecorrigeerd)
Aangenomen motie van de leden Van Eijk (VVD) en Martens-America (VVD) over een ruimhartige en investeringsvriendelijke toepassing van de fiscale regeling voor aandelen in startende ondernemingen, 36748, nr. 18
Motie van het lid Van Eijk (VVD) c.s. over de verschuldigde belasting voor oude kapitaalverzekeringen in box 1 pas invorderbaar maken bij daadwerkelijke uitkering van de kapitaalverzekering, 36748, nr. 17
Motie van het lid Van Eijk (VVD) c.s. over een tegenbewijsregeling voor het werkelijke voordeel van eigen gebruik van onroerende zaken, 36748, nr. 16 (vervangen door nr. 41)
Aangenomen motie van het lid Grinwis (CU) c.s. over het vastgoedbijtellingspercentage zo snel mogelijk actualiseren op basis van de meest recente en representatieve data, 36748, nr. 15
Motie van het lid Grinwis (CU) c.s. over de consequenties in kaart brengen van de doorwerking van het volatieler wordende box 3-inkomen op het verzamelinkomen, 36748, nr. 14
Aangenomen motie van het lid Grinwis (CU) c.s. over de structurele budgettaire meeropbrengsten in kaart brengen van een vermogenswinstbelasting in box 3, 36748, nr. 13
Amendement van het lid Grinwis (CU) c.s. ter vervanging van nr. 7 over het niet belasten van vervreemdingsvoordelen bij NSW-landgoederen, 36748, nr. 12 (vervangen door nr. 37 en daarna 40)
Aangenomen amendement van het lid Inge van Dijk (CDA) over een evaluatie na drie jaar, 36748, nr. 11
Amendement van de leden Stultiens (GroenLinks-PvdA) en Jimmy Dijk (SP) over het invoeren van een toptarief in box 3 van 49,5%, 36748, nr. 10
Amendement van het lid Hoogeveen (JA21) over de mogelijkheid van achterwaartse verliesverrekening naar het voorafgaande kalenderjaar, 36748, nr. 9 (vervangen door nr. 39)
Amendement van het lid Hoogeveen (JA21) over een doorschuiffaciliteit bij een overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden, 36748, nr. 8 (vervangen door nr. 32 en daarna nr. 42)
Amendement van het lid Grinwis (CU) c.s. over het niet belasten van vervreemdingsvoordelen bij NSW-landgoederen, 36748, nr. 7
Kader artikel 3.1 Comptabiliteitswet bij wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3
Toetsingskader fiscale regelingen - vermogenswinstbelasting startende ondernemingen
Ramingstoelichting Wet werkelijk rendement box 3
Certificeringsnotitie CPB Wet werkelijk rendement box 3
Uitvoeringstoets Wet werkelijk rendement box 3 - herijkt
Toetsingskader fiscale regelingen - vermogenswinstbelasting onroerende zaken en vastgoedbijtelling
Advies Adviescollege toetsing regeldruk (ATR)
Advies Autoriteit Persoonsgegevens (AP) Wet werkelijk rendement box 3
Advies Raad voor de rechtspraak (RvdR) Wet werkelijk rendement box 3
Factsheet Wet werkelijk rendement box 3
Visual box3 vastgoedbijtelling 2025
Verslag, 36748, nr. 5.
Advies Afdeling advisering Raad van State en Nader rapport, 36748, nr. 4
Memorie van toelichting, 36748, nr. 3
Voorstel van wet, 36748, nr. 2
Koninklijke boodschap, 36748, nr. 1