Op de zaak betrekking hebbende stukken

Op de zaak betrekking hebbende stukken

Bijgewerkt t/m: 12-04-2026

Mr. Sandesh Soekhoe

id-d64a5abb-718b-4d1c-b60a-302122c23664

Sandesh Soekhoe is werkzaam als fiscalist formeel recht (en heeft dit thema geschreven op persoonlijke titel) en is ook auteur voor TaxVisions.

De Awb legt de inspecteur op om de ‘op de zaak betrekking hebbende stukken’ (OdZBHS) ter inzage te leggen. Op die manier beschikken alle partijen over de gegevens waarop een besluit is gebaseerd. De Awb spreekt over de OdZBHS, maar dit is nader ingekleurd in de jurisprudentie.

In dit thema krijgt u dan ook antwoord op de volgende vragen:

Wanneer kwalificeert een stuk uit een dossier als een OdZBHS?

In welke fases moet de inspecteur de OdZBHS ter inzage leggen/ inzenden?

Op welke gronden mag de inspecteur weigeren om stukken te verstrekken?

Wat is het gevolg als de inspecteur de OdZBHS niet verstrekt?

In hoeverre is de inspecteur verplicht de stukken toe te zenden aan belanghebbende?

Welke termijnen zijn bij de OdZBHS van belang?

In de praktijk bestaat er veelal discussie tussen de inspecteur en belanghebbende over wélke stukken uit het dossier wel of niet kwalificeren als een OdZBHS. In dit thema wordt stil gestaan bij een aantal praktische punten.

Het hoorrecht is onlosmakelijk verbonden met het verkrijgen van de OdZBHS. Formeel-juridisch betekent dit dat zonder een hoorgesprek, de inspecteur geen plicht heeft om de OdZBHS ter raadpleging ter inzage te leggen.

Stukken die zijn vergaard door personen of instellingen buiten de Belastingdienst (bijvoorbeeld het Openbaar Ministerie) behoren alleen tot de OdZBHS, indien deze ter raadpleging ter beschikking staan (of hebben gestaan) aan de inspecteur bij het nemen van het bestreden besluit en als deze daarvoor nog van belang kunnen zijn.

Ook in elektronische vorm vastgelegde gegevens (bijvoorbeeld grafische weergaven en afbeeldingen), behoren tot de OdZBHS.

Stukken die die inspecteur wel heeft gebruikt ter onderbouwing van zijn besluit, maar die voor de beoordeling van de zaak door de rechter niet (langer) van belang zijn, behoren niet tot de OdZBHS.

Tegen de weigering om bepaalde OdZBHS niet te verstrekken, staan geen rechtsmiddelen open.

Het is niet relevant of een stuk in het voordeel of nadeel werkt van de belanghebbende.

Standpunten van kennisgroepen kwalificeren als op de zaak betrekking hebbende stukken.

Documenten bij dit thema

Kennisgroepstandpunt, KG:206:2022:4, Een standpunt van een kennisgroep en artikel 8:42 jo. artikel 8:29 van de Awb, gepubliceerd op 20 december 2022

Brief Staatssecretaris van Financiën van 16 mei 2023, nr. 2023-0000-1150-86, V-N 2023/25.18

Compleetheid van dossiers die naar de rechter gaan: een eerste inzicht in de werkwijze van de Belastingdienst, Ministerie van Financiën (Inspectie Belastingen, Toeslagen en Douane), 15 december 2023

Brief Staatssecretaris van Financiën (Toeslagen en Douane) van 16 februari 2024, V-N Vandaag 2024/397

Brief Staatssecretaris van Financiën van 16 mei 2024, nr. 2024-0000-2856-00, V-N 2024/26.19

Brief Minister van Financiën van 7 februari 2023, nr. 2023-0000024917, V-N 2023/10.18

Brief Staatssecretaris van Financiën van 8 februari 2023, nr. 2023-0000026595, V-N 2023/10.19

Brief Staatssecretaris van Financiën van 6 februari 2024, nr. 2024-0000154819, V-N 2024/9.18

Brief Staatssecretaris van Financiën van 8 september 2025, nr. 2025-0000370064, V-N 2025/40.13

Brief Staatssecretaris van Financiën van 12 februari 2026, nr. 2026-0000042719, V-N 2026/10.21

HR 15 maart 2024, nr. 22/04807, ECLI:NL:HR:2024:289, r.o. 4.2.1-4.2.3. BNB 2024/43, V-N 2024/14.19, Belastingblad 2024/148, NJB 2024/714

HR 31 maart 2023, nr. 21/01297, ECLI:NL:HR:2023:492, r.o. 3.1 tot en met 3.3, BNB 2023/73, V-N 2023/16.16, FED 2023/62, NJB 2023/998

HR 23 oktober 2020, nr. 19/04499, ECLI:NL:HR:2020:1670, r.o. 2.2.2, BNB 2021/47, V-N 2020/54.25, FED 2021/54, NJB 2020/2573

HR 26 juni 2020, nr. 19/00062, ECLI:NL:HR:2020:1107, r.o. 2.4.2, BNB 2020/121, V-N 2020/31.21, FED 2020/121, AB 2020/328

HR 5 oktober 2018, nr. 17/03815, ECLI:NL:HR:2018:1863, r.o. 3.2, BNB 2018/201, V-N 2018/53.21, FED 2019/20, NJB 2018/2019

HR 6 juli 2018, nr. 16/04325, ECLI:NL:HR:2018:1113, r.o. 2.3.1, BNB 2018/161, V-N 2018/38.27

HR 16 maart 2018, nr. 17/02465, ECLI:NL:HR:2018:342, r.o. 2.3.2, BNB 2018/105, V-N 2018/16.3, FED 2018/83

HR 12 juli 2013, nr. 11/04625, ECLI:NL:HR:2013:29, r.o. 3.3.1.3, BNB 2013/226, V-N 2013/35.10

R. Scherpenisse, ‘Inzagerecht in het btw-dossier: maak er gebruik van!’, BTW-bulletin 2024/34

T.A.R. van Brederode & R.A.S.S. Soekhoe, 'Majeure ontwikkelingen in het fiscale inzagerecht; tijd om de (tussentijdse) balans op te maken!', WFR 2024/235

F. Herreveld, 'Bedrog door de Belastingdienst', WFR 2023/243

E.J.M. Bohnen & M.M. Stassen-Kanters, 'Op de zaak betrekking hebbende stukken: een overzicht', TFB 2022/25

N. van den Hoek, 'Fysieke dossiers bestaan niet meer. Digitale toezending is de norm', WFR 2022/166

D.J. Franssen, 'De incompleetheid van het procesdossier', TFB 2021/10

G.J.M.E. de Bont, 'Het procesdossier', WFR 2020/224

A.T.P. Nefkens & J.H.P.M. Raaijmakers, 'De op de zaak betrekking hebbende stukken', WFR 2019/100

M.S.J. Pijnenburg-Braspenning & M. van Es-Hinnen, 'De op de zaak betrekking hebbende stukken', WFR 2018/229

R.M.P.G. Niessen-Cobben, ‘Op de zaak betrekking hebbende stukken en de wijziging inzake de verplichting tot indienen van een verweerschrift’, TFB 2018/31

P. de Haas, 'Weten we over welke gegevens de Belastingdienst beschikt?', TFB 2018/25

S.F. Immerseel & G.H. Ulrich, Fiscaal bezwaar in de AWR en Awb, Den Haag: SDU 2017 (Reeks Fiscale geschriften), paragraaf 11

G.M. Boezelman & Y. Ameziane, 'Fiscale vormverzuimen: spoorboekje gewenst?', TFB 2017/8

Cursus Belastingrecht, FBR.6.1.3.B.c Op de zaak betrekking hebbende stukken, W.A.P. van Roij