Verhandelbare emissierechten in broeikasgassen
Einde inhoudsopgave
Verhandelbare emissierechten in broeikasgassen (SteR nr. 34) 2017/6.4.1:6.4.1 Inleiding
Verhandelbare emissierechten in broeikasgassen (SteR nr. 34) 2017/6.4.1
6.4.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. T.J. Thurlings, datum 01-08-2017
- Datum
01-08-2017
- Auteur
mr. T.J. Thurlings
- JCDI
JCDI:ADS603355:1
- Vakgebied(en)
Energierecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In hoofdstuk 5 is aan de orde gekomen dat verschillende bepalingen van Verordening (EU) 389/2013 verwijzen naar de ‘desbetreffende autoriteit krachtens het nationale recht’, zonder dat hiervoor naar Nederlands recht een specifieke instantie is aangewezen. In deze paragraaf wordt onderzocht welke rechtsbescherming er openstaat tegen besluiten die door nationale instanties op grond van Verordening (EU) 389/2013 worden genomen. Daarvoor is van belang of deze besluiten te kwalificeren zijn als besluiten in de zin van artikel 1:3 Awb. In het navolgende wordt daarom eerst ingegaan op de vraag of dat het geval is. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag wie dan te kwalificeren is als de ‘desbetreffende autoriteit krachtens het nationale recht’.