Einde inhoudsopgave
Verhandelbare emissierechten in broeikasgassen (SteR nr. 34) 2017/6.4.2
6.4.2 Besluit op grond van verordening (EU) 389/2013, een Awb-besluit?
mr. T.J. Thurlings, datum 01-08-2017
- Datum
01-08-2017
- Auteur
mr. T.J. Thurlings
- JCDI
JCDI:ADS603356:1
- Vakgebied(en)
Energierecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Bijvoorbeeld: CRvB 24 januari 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB0718, Vzr. CBb 28 augustus 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BF0847, CBb 25 februari 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BH4690, CBb 21 februari 2014, ECLI:NL:CBB:2014:89, ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1930, ABRvS 20 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:2064 en ABRvS 15 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1152. Zie ook de annotaties bij deze uitspraken, respectievelijk: Pennings 2002, Ortlep 2008, Ortlep 2009, Ortlep 2015, Ortlep 2014, Van den Brink & Den Ouden 2014 en Van den Brink & Den Ouden 2015. Zie ook: Huisman & Jak 2010.
ABRvS 19 april 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AW2275, r.o. 2.9-2.12. Voor een commentaar op deze uitspraak, zie: Jacobs & Den Ouden 2006, i.h.b. randnummer 10. Zie ook Ortlep 2015, i.h.b. randnr. 2, waarin hij opmerkt dat ‘[de] eis van het creëren van een institutionele rechtsgrondslag [...] in de recente jurisprudentie [...] niet meer tot uitdrukking [komt]’. Wellicht wordt deze eis niet (meer) expliciet genoemd in recente jurisprudentie, mij zijn echter geen uitspraken bekend waarin een bestuursorgaan een bevoegdheid ontleende aan een EU-verordening zonder dat duidelijk was dat zij het bevoegd gezag als bedoeld in die verordening was. Van het honoreren van het ontbreken van een institutionele grondslag voor het nemen van besluiten op basis van een EU-bevoegdheid zijn mij in ieder geval geen voorbeelden bekend. Voor zover deze situaties zich voordoen, sluit ik mij bij Ortlep aan dat zulks vanuit het legaliteitsbeginsel en rechtszekerheidsbeginsel een zorgelijke ontwikkeling zou zijn (Ortlep 2015, randnr. 2).
In de literatuur en jurisprudentie is uitgebreid aandacht besteed aan de vraag of een bestuursorgaan aan het Unierecht een bevoegdheidsgrondslag kan ontlenen om een besluit te nemen in de zin van artikel 1:3 Awb. 1Uit de jurisprudentie kunnen onder meer de volgende regels worden afgeleid:
een EU-verordening is een wettelijk voorschrift in de zin van artikel 3:4 Awb;
een besluit genomen door een bestuursorgaan op basis van een EU-verordening, levert een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb op.
Wel is van belang dat het bevoegd gezag naar nationaal recht is aangewezen. In dat kader moet worden gewezen op de rechtspraak van de Afdeling in het kader van subsidiebesluiten, waaruit volgt dat wanneer de bevoegde autoriteit naar nationaal recht niet is aangewezen, er geen bevoegdheid kan bestaan voor een nationaal bestuursorgaan om een besluit te nemen.2