De reikwijdte van medezeggenschap
Einde inhoudsopgave
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/7.4:7.4 Concernverhoudingen
De reikwijdte van medezeggenschap (MSR nr. 63) 2014/7.4
7.4 Concernverhoudingen
Documentgegevens:
Datum 01-01-2014
- Datum
01-01-2014
- JCDI
JCDI:ADS386117:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ook in concernverhoudingen staat het uitgangspunt ‘medezeggenschap volgt zeggenschap’ onder druk. Het beleid wordt in concernverhoudingen veelal op een hoger niveau ontwikkeld dan op het niveau waar de medezeggenschapsorganen zich bevinden. Bij strategische beslissingen die moeten worden uitgevoerd door het bestuur van de dochtervennootschap wordt het adviesrecht van de or gedegradeerd tot inspraak ten aanzien van de uitvoering in plaats van wezenlijke invloed op alle aspecten van de besluitvorming zoals de gedachte achter art. 25 WOR is. Bij direct doorwerkende besluiten – die de moedervennootschap veelal uit hoofde van haar aandeelhouderschap neemt – speelt hetzelfde. De uitholling van medezeggenschap in concernverhoudingen wordt enigszins gecompenseerd door de verplichting concernmedezeggenschapsorganen in te stellen – die recht moeten doen aan de organisatiestructuur – en de in de jurisprudentie ontwikkelde leerstukken toerekening en medeondernemerschap die in uitzonderlijke situaties, beschreven in de paragrafen 4.4.5 tot 4.4.10 ertoe leiden dat een (voorgenomen) besluit van de moedervennootschap toch moet worden voorgelegd aan de or van de dochtervennootschap. Hiermee wordt meer recht gedaan aan de gedachte dat de medezeggenschap de zeggenschap volgt.
De medezeggenschapsregelingen in Boek 2 BW bevatten een specifieke concernbepaling. Zowel in de structuurregeling als bij de spreekrechten worden de bevoegdheden in concernverhoudingen uitgeoefend op het niveau van de moedervennootschap, zodat wordt aangesloten bij de zeggenschapsverhoudingen. Deze bevoegdheden worden uitgeoefend door de ondernemingsraden van de dochtervennootschappen (afhankelijke maatschappijen), tenzij een cor is ingesteld. In het laatste geval gaat de bevoegdheid over op de cor. Het enquêterecht kent geen wettelijke mogelijkheid tot het indienen van een enquêteverzoek bij een moedervennootschap of andere concernmaatschappij, maar deze mogelijkheid is wel op basis van jurisprudentie aanvaard.