Regres bij concernfinanciering
Einde inhoudsopgave
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/3.3:3.3 Concernfinanciering
Regres bij concernfinanciering (VDHI nr. 156) 2019/3.3
3.3 Concernfinanciering
Documentgegevens:
mr. drs. C.H.A. van Oostrum, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. C.H.A. van Oostrum
- JCDI
JCDI:ADS589733:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Voor meer informatie over de zelfstandige financiering en kredietverlening van dochters zie Winter 1992, p. 11-36.
Pres. Rb. Amsterdam 20 december 2001, JOR 2002, 26 en Hof Amsterdam 25 april 2002, JOR 2002, 128 (Gorillapark); Langman 1987, p. 100; De kluiver 2006, p. 39; Meijer 2012, p. 130; Bartman, Dorresteijn & Olaerts 2016, p. 218.
Winter 1992, p. 7.
Zie Winter 1992 voor een uitgebreide beschrijving van de overige gebieden.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Concernfinanciering is het binnen concernverband verkrijgen en gebruiken van financiële middelen. Concernfinanciering onderscheidt zich van de financiering van een enkelvoudige vennootschap. Het in concernverband verkrijgen en gebruiken van financiële middelen, is zowel ten behoeve van de financiering van de concernvennootschap als het concern an sich. Afhankelijk van de mate van verwevenheid wordt de financiering van het concern centraal geregeld of wordt het overgelaten aan de dochters om zelfstandig individuele kredietrelaties aan te knopen met banken. Vanwege fiscale redenen, valutamanagement en deviezenvoorschriften van het land waar de vennootschap is gevestigd, is het soms wenselijk of noodzakelijk om dochters autonoom kredietrelaties aan te laten gaan in het land van vestiging.1 Het uitgangspunt is dat dochters zelfstandig kunnen bepalen hoe zij hun financiering regelen. Daarnaast hoeft een moeder in beginsel haar dochter niet voor een groter bedrag te financieren dan de volstorting van de aandelen die zij houdt in haar dochter. Afwijking van het voorgaande wordt opgetekend in de statuten, een aandeelhoudersovereenkomst of een funding obligation.2
Concernfinanciering bestaat uit (I) geconsolideerde kredietverlening en (II) cash management. Onder geconsolideerde kredietverlening wordt het aantrekken van vreemd vermogen verstaan. Met de term cash management wordt het beheersen van de liquiditeit van de onderneming bedoeld.3 Vanwege het kader van het onderzoeksobject, de (upstream) zekerheidsverlening ten behoeve van het concernkrediet, worden alleen aspecten van concernfinanciering besproken die hiermee samenhangen. Verder kan in deze paragraaf waar de aanduiding moedervennootschap staat, ook de term financieringsvennootschap worden gelezen of zo de lezer wil houdster-/financieringsmaatschappij. In § 3.3.1 wordt de geconsolideerde kredietverlening besproken en in § 3.3.2 één onderdeel van het cash management, namelijk cash pooling.4
3.3.1 Geconsolideerde kredietverlening3.3.2 Cashmanagementsystemen