Einde inhoudsopgave
Sleutels voor personenvennootschapsrecht (IVOR nr. 102) 2017/4.5.5
4.5.5 Vergelijking met het fonds de commerce
Chr.M. Stokkermans, datum 28-02-2017
- Datum
28-02-2017
- Auteur
Chr.M. Stokkermans
- JCDI
JCDI:ADS586885:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Thans C.com, art. L.141-1 e.v. Tot 2000 was de regeling verspreid over verschillende stukken wetgeving, waarvan de belangrijkste was de Loi du 17 mars 1909 (DP 1909.4.41) sur la vente et le nantissement des fonds de commerce, vaak aangeduid als de “Loi Corcelet”. Voor een overzichtelijke bespreking van het fonds de commerce, zie Derruppé 1998.
Vgl. de rond het NBW gevoerde discussie over de algemeenheid van goederen, waarover De Ruiter 1963, p. 34-38, en Gerbrandy 1966. De passage over het fonds de commerce in De Ruiter 1963, p. 34-38 en p. 135/136 is op hoofdlijnen nog immer valide.
Bij de behandeling van het Ontwerp-Maeijer in de Eerste Kamer zijn nog op het fonds de commerce geïnspireerde vragen gesteld: Kamerstukken I 2004-2005, 28 746, B, p. 2; Kamerstukken I 2005-2006, 28 746, C, p. 2; Kamerstukken I 2005-2006, 28 746, D,p. 2/3; en Kamerstukken I 2006-2007, 28 746, E, p. 3. Zie ook De Groot 2002. Voor een uitgebreide beschrijving van het fonds de commerce, zie Tweehuysen 2016/61-73.
Derruppé 1998, nr. 22, 155, 157 en 169 e.v.
Over de onzekerheden van het criterium clientèle: Didier 2004.
Derruppé 1998, nr. 153 en 175 e.v.
C.com., art. L.141-1 bevat een lijst gegevens die in een akte van overdracht moeten worden opgenomen (informatieverplichtingen verkoper betreffende de onderneming). Voor verpanding, zie C.com., art. L. 142-1 e.v.
Derruppé 1998, nr. 45 e.v.
Derruppé 1998, nr. 306 e.v. en nr. 627 e.v.
C.com, art. L.141-12 en 141-13 e.v.
C.com, art. L.141-19(surenchère du sixième).
Dubuisson & Germain 2011, nr. 120 en (expliciet) 128 denken daar overigens anders over.
C.com., art. L.526-17 sub III lid 2.
Frankrijk kent van oudsher het fonds de commerce.1 Deze rechtsfiguur was (mede) de inspiratiebron voor de algemeenheid van goederen uit het ontwerp- NBW.2 Omdat naar deze rechtsfiguur geregeld wordt verwezen,3 en om aan te geven dat EIRL en ZBA conceptueel anders in elkaar steken, zet ik de regeling van het fonds de commerce kort uiteen.
Het fonds de commerce wordt in Frankrijk gezien als een vermogensrecht, bestaande uit onlichamelijke en lichamelijke bestanddelen die worden verbonden door eenzelfde bestemming, te weten het ontwikkelen van een economische activiteit.4 Het gaat hoofdzakelijk om clientèle (zakelijke goodwill),5 handelsnaam, uithangbord, huur en IE-rechten (onlichamelijke bestanddelen) en om inventaris en voorraden (lichamelijke bestanddelen). Van een vermogen, laat staan een afgescheiden vermogen, is geen sprake.6 Wel kan het fonds de commerce als zodanig bij (enkele) akte worden overgedragen (en verpand).7 Overdracht van een fonds de commerce brengt geen overgang van schulden mee,8 maar er is een bijzondere wettelijke regeling ter bescherming van de schuldeisers van de vervreemder.9 Na publicatie van de overdracht hebben die schuldeisers tien dagen de tijd om bezwaar te maken tegen uitbetaling van de koopprijs. In geval van bezwaar mag betaling alleen geschieden met toestemming van de rechter.10 Bovendien kunnen schuldeisers met een pandrecht op het fonds de commerce en schuldeisers die bezwaar hebben gemaakt tegen uitbetaling van de koopprijs, een hoger bod op het fonds de commerce uitbrengen, als de hoogte van de koopprijs lager is dan hun vorderingen.11
Anders dan het fonds de commerce vormt het EIRL-vermogen geen vermogensrecht.12 Tot het EIRL-vermogen behoren de vermogensbestanddelen die de ondernemer handelend in zijn hoedanigheid van EIRL heeft verkregen. Voor de overdracht onder algemene titel is het niet nodig om het EIRL-vermogen op te vatten als een goed.
In Frankrijk kan een fonds de commerce onderdeel zijn van het EIRL-vermogen. Beide regelingen gelden dan naast elkaar. Het EIRL-regime staat er niet aan in de weg dat het fonds de commerce kan worden verpand of overgedragen. Bij de besproken overdracht onder algemene titel van een EIRL-vermogen blijven de regels over het fonds de commerce echter buiten toepassing.13 Wordt in Nederland een ZBA ingevoerd, dan is samenloop met het fonds de commerce niet aan de orde. Wij kennen een dergelijke rechtsfiguur immers niet. Ik meen dat er in Nederland ook geen behoefte aan bestaat.