Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht
Einde inhoudsopgave
Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht (Meijers-reeks) 2017/10.3.1:10.3.1 Het wettelijke kader
Voorlopige hechtenis in het Nederlandse jeugdstrafrecht (Meijers-reeks) 2017/10.3.1
10.3.1 Het wettelijke kader
Documentgegevens:
mr. drs. Y.N. van den Brink, datum 01-12-2017
- Datum
01-12-2017
- Auteur
mr. drs. Y.N. van den Brink
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze subparagraaf wordt een aantal fundamentele knelpunten in het huidige wettelijke kader van de voorlopige hechtenis van minderjarigen aan de orde gesteld die achtereenvolgens betrekking hebben op het schorsingsmodel (par. 10.3.1.1), de wettelijke gronden voor voorlopige hechtenis (par. 10.3.1.2) en de wettelijke termijnen van voorlopige hechtenis (par. 10.3.1.3). Uiteindelijk zal de analyse van deze knelpunten leiden tot de conclusie dat het huidige wettelijke systeem niet langer houdbaar is en dat een fundamentele herziening noodzakelijk is om de knelpunten te ondervangen. In paragraaf 10.4 zal vervolgens daadwerkelijk een aanzet worden gegeven tot de ontwikkeling van een nieuw wettelijk kader voor de voorlopige hechtenis van minderjarigen.
10.3.1.1 Het schorsingsmodel10.3.1.2 Gronden10.3.1.3 Termijnen