25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid
Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/68.7:68.7 Tot slot
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/68.7
68.7 Tot slot
Documentgegevens:
prof. mr. B.J. van Ettekoven, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
prof. mr. B.J. van Ettekoven
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie hierover ook A.T. Marseille & B.J. van Ettekoven, Afscheid van de klassieke procedure in het bestuursrecht?, Handelingen NJV 2017-1, Deventer: Wolters Kluwer 2017 en B.J. van Ettekoven, ‘Behoorlijke bestuursrechtspraak in het Big Data tijdperk’, in: R.J.N. Schlössels e.a. (red.) 2018, p. 209-233.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
We hadden verder moeten zijn met het digitaal procederen bij de bestuursrechter, maar… het begin is er. In het vreemdelingenrecht is het digitaal procederen van start gegaan en werkt het heel behoorlijk. Het is mede daarom bijzonder spijtig dat de Rechtspraak heeft besloten de reguliere vreemdelingenzaken niet ook te digitaliseren. Een gemiste kans. De inspanning moet er de komende jaren op zijn gericht op te schalen en digitaal procederen ook in te voeren op andere deelterreinen van het bestuursrecht. Het ligt voor de hand te beginnen bij deelterreinen met landelijk werkende bestuursorganen, die hun zaakjes digitaal al op orde hebben. Met de vervanging van de huidige computersystemen (van ‘on premises’ naar ‘in the cloud’) zal naar verwachting de ‘koppe-lings’-problematiek worden opgelost, waardoor tussen bestuursorganen, tussen bestuursorganen en gerechten en tussen burgers, bedrijven en hun juridisch gemachtigden en de bestuursorganen en gerechten op eenvoudige wijze digitale informatie kan worden uitgewisseld. Als het (nieuwe) systeem stabiel is dan kunnen functionaliteiten worden toegevoegd, zoals online griffierecht betalen, de mogelijkheid voor partijen om zelf een zittingsdag en tijd te boeken, een ‘track & trace’-optie waarmee 24/7 de laatste stand van zaken in een dossier kan worden geraadpleegd, digitale regievoering, modern verwachtingsmanagement met ‘on time’-informatie, etc.1 Naar mate het aantal digitale dossiers en uitspraken groeit, komt ook het gebruik van ‘artificial intelligence’ (AI) door de gerechten op de rechtspraakdata in zicht. Ik ben er van overtuigd dat in 2034, bij de viering van 40 jaar Awb, digitaal procederen de standaard is, dat digitale systemen behulpzaam zijn bij voorlichting over procedures en proceskansen, dat de toegang tot het recht spectaculair is verbeterd en dat juristen en rechters het de normaalste zaak van de wereld vinden dat zij in hun werk worden ondersteund door systemen die gebruik maken van AI. Ook zijn we dan verder met het herijken van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur op digitaal verkeer met de overheid en de rechter. Eén ding is zeker: we gaan een enerverende tijd tegemoet!