Einde inhoudsopgave
Open normen in het Europees consumentenrecht (R&P nr. CR4) 2011/10.8.1
10.8.1 Het illustratieve en volwaardige karakter van de lijst
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon, datum 31-08-2011
- Datum
31-08-2011
- Auteur
mr.drs. C.M.D.S. Pavillon
- JCDI
JCDI:ADS492442:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Consultation, december 2005, p. 38, nr. 113.
De praktijken beschreven in nr. 11 e advertorials') en nr. 28 (reclame voor kinderen) vormen geen strafbaar feit.
Collins 2010, p. 110-111.
Collins 2010, p. 111. Feitencomplexen kunnen sterk verschillen.
Summary of Responses, juni 2006, p. 9-10.
Summary of Responses, juni 2006, p. 9-10.
Praktijk nr. 31 luidt: 1...) de bedrieglijke indruk wekken dat de consument al een prijs heeft gewonnen of zal winnen dan wel door een bepaalde handeling te verrichten een prijs zal winnen of een ander soortgelijk voordeel zal behalen, als er in feite geen sprake is van een prijs of een ander soortgelijk voordeel, dan wel als het ondernemen van stappen om in aanmerking te kunnen komen voor de prijs of voor een ander soortgelijk voordeel afhankelijk is van de betaling van een bedrag door de consument of indien daaraan voor hem kosten zijn verbonden.'
OFT/Purely Creative, r.o. 45 e.v. Opmerkelijk is dat de rechter de door de openheid van de lijst veroorzaakte uitlegverschillen niet problematisch acht met het oog op de maximale harmonisatiedoelstelling (r.o. 49).
670. Hoewel bepaalde praktijken op de Europese zwarte lijst al werden geregeld in het Engelse recht, is de lijst niettemin letterlijk omgezet in Sch. 1 1 De bestaande bepalingen zijn herroepen. Sch. 1 bevat alle verboden misleidende en agressieve praktijken. Op verreweg de meeste praktijken staan strafrechtelijke sancties2 en alle praktijken kunnen langs de civielrechtelijke weg worden gestaakt.
De lijst wordt beschouwd als een lijst `precedents' ten behoeve van de harmonisatie. De lijst is volgens Collins in dit opzicht zeer waardevol. Het verkrijgen van `precedents' vormt immers een lastige exercitie naar Europees recht: het vereist een bereidheid tot het stellen van prejudiciële vragen, die er niet is, en een eenduidige, op een concrete casus toegesneden uitleg door het HvJ, waartoe het niet snel overgaat.3 De lijst is ook waardevol omdat nationale uitspraken, wanneer zij al bekend worden gemaakt en aangehaald, Voubtful value as precedents' hebben.4 De lijst 'vervangt' de naar Engels recht zo belangrijke precedenten. Dat de zwarte lijst vage termen bevat doet hier kennelijk niet aan af. Het bedrijfsleven acht de 'nieuwe' praktijken in de lijst voldoende uitgewerkt. Er bestond bij het bedrijfsleven dan ook weinig behoefte aan een nadere toelichting op Sch. 1 Guidance. 5 Consumentenorganisaties en de OFT dachten hier echter anders over en vroegen om voorbeelden van praktijken als beschreven in de lijst en een definitie van het begrip 'claim', dat in zeven definities voorkomt.6 De Guidance geeft daarom diverse voorbeelden van de verschillende praktijken.
In de OFT/Purely Creative-uitspraak van de High Court bleek het kostenbegrip uit praktijk nr. 31 (misleidende prijzen en winacties)7 aanleiding te geven tot uitlegverschillen.8 Briggs J legt dit begrip strikt uit, in het licht van nr. 20: onvermijdelijke kosten voor het verkrijgen van de prijs (postzegel of normale telefoonkosten bijvoorbeeld), die niet ten goede komen aan de handelaar, vallen hier niet onder. I.c. waren die kosten onnodig hoog en in het voordeel van de handelaar (r.o. 54).