Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht
Einde inhoudsopgave
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/6.10.4:6.10.4 Samenvatting
Aftrekbeperkingen van de rente in het internationale belastingrecht (FM nr. 132) 2008/6.10.4
6.10.4 Samenvatting
Documentgegevens:
mr. J. Vleggeert, datum 01-11-2008
- Datum
01-11-2008
- Auteur
mr. J. Vleggeert
- JCDI
JCDI:ADS302011:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Belastingverdragen
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Europees belastingrecht (V)
Europees belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In paragraaf 6.10 is een aantal alternatieven besproken voor de huidige regeling tegen onderkapitalisatie. Indien het wenselijk wordt geacht dat het bereik van een dergelijke regeling beperkt blijft tot de rente op leningen die zijn verstrekt door gelieerde vennootschappen, zou zij kunnen worden gebaseerd op de Britse regels. Dergelijke rente is dan niet aftrekbaar voor zover de desbetreffende leningen hoger zijn dan het bedrag dat zou zijn verstrekt in de arm’s length situatie.
Wordt de actieradius van de regeling tegen onderkapitalisatie uitgebreid tot externe rente, dan kan aansluiting worden gezocht bij de capital allocation approach zoals die is uitgewerkt in het permanent establishment report. Deze benadering wordt dan naar analogie toegepast op een vennootschap die behoort tot een concern. De mate waarin de desbetreffende concernvennootschap met eigen en vreemd vermogen is gefinancierd, wordt dan vergeleken met de debt-equity ratio van het concern. Binnen deze benadering is in deze paragraaf onderscheid gemaakt tussen de zuivere en de aangepaste capital allocation approach.
In de zuivere capital allocation approach wordt de aftrek van de rente beperkt indien de concernvennootschap is ondergekapitaliseerd. Is zij overgekapitaliseerd, dan wordt een extra aftrek verleend over het exces eigen vermogen. In de aangepaste capital allocation approach wordt geen extra aftrek verleend in het geval van overkapitalisatie. Daar staat tegenover dat de rente die niet in aftrek komt ingeval de belastingplichtige in een jaar is ondergekapitaliseerd, mag worden voortgewenteld naar volgende jaren.
In de earnings stripping benadering wordt de aftrek van de rente gemaximeerd tot een percentage van de winst nadat daarop een aantal correcties is toegepast. De aangepaste capital allocation benadering fungeert dan als safe haven.
De rente die niet in aftrek komt, mag worden voortgewenteld naar het volgende jaar.
Wordt de zuivere capital allocation approach vergeleken met de aangepaste capital allocation approach dan kleeft aan de laatstgenoemde benadering het nadeel dat het niet mogelijk om de situatie te bereiken dat economisch dubbele belastingheffing over de rente in binnenlandse verhoudingen moet worden vermeden. De zuivere capital allocation approach verdient daarom de voorkeur. De earnings stripping regel voldoet niet aan het criterium dat een aftrekbeperking betrekking moet hebben op de rente op de schulden waarmee ondernemingsactiviteiten zijn gefinancierd van andere groepsvennootschappen. Om deze redenen zal hierna alleen worden ingegaan op de zuivere capital allocation approach.