Procesrecht in arbeidszaken
Einde inhoudsopgave
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/12.5.2:12.5.2 De verhouding tussen het kort geding en de bodemzaak: afstemming, maar geen nadeel?
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/12.5.2
12.5.2 De verhouding tussen het kort geding en de bodemzaak: afstemming, maar geen nadeel?
Documentgegevens:
Peter Jansen, datum 30-04-2024
- Datum
30-04-2024
- Auteur
Peter Jansen
- JCDI
JCDI:ADS981921:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De afstemmingsregel, besproken in paragraaf 12.3.7, is helder: de rechter in kort geding moet de uitspraak in beginsel afstemmen op het oordeel van de bodemrechter.
Het spiegelbeeld van de afstemmingsregel is art. 257 Rv: “De beslissingen bij voorraad brengen geen nadeel toe aan de zaak ten principale.”Deze bepaling richt zich niet tot de rechter in kort geding, maar tot de bodemrechter.1 De bepaling houdt in dat de bodemrechter op geen enkele manier is gebonden aan het oordeel van de rechter in kort geding. Niet wat betreft het rechtsoordeel en niet wat betreft de vaststelling van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.