Sturingsinstrumenten in de WW: 1987-2020
Einde inhoudsopgave
Sturingsinstrumenten in de WW: 1987-2020 (MSR nr. 77) 2021/8.7:8.7 Het instrument van definiëring van passende arbeid in de WW
Sturingsinstrumenten in de WW: 1987-2020 (MSR nr. 77) 2021/8.7
8.7 Het instrument van definiëring van passende arbeid in de WW
Documentgegevens:
Datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
Kluwer
- JCDI
JCDI:ADS258894:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Sociale zekerheid werkloosheid (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In paragraaf 8.6 is de ontwikkeling besproken van de verplichting van de werknemer om te voorkomen dat hij verwijtbaar werkloos wordt. Naast die verplichting bestaat er ook nog de verplichting van artikel 24 lid 1 sub b WW: de werknemer voorkomt dat hij werkloos is of blijft. Die verplichting heeft te maken met de situatie dat de werknemer geen passende arbeid verkrijgt (sub b onder 1), aanvaardt (sub b onder 2), behoudt (sub b onder 3) of passende arbeid belemmert (sub b onder 4). Wanneer er sprake is van passende arbeid is nader gedefinieerd in een aantal richtlijnen vanaf 1992. De ontwikkeling daarvan zal ik hiernavolgend door beantwoording van de deelvragen analyseren.
8.7.1 Met welke argumenten heeft het kabinet de wijzigingen onderbouwd?8.7.2 Hoe consistent zijn de argumenten van het kabinet en hoe consistent is de ontwikkeling van de wetgeving geweest?8.7.3 Hoe is in de jurisprudentie gereageerd op de wetswijzigingen?8.7.4 Beïnvloeden de wijzigingen de vrijheid van bepaalde groepen om passende arbeid te kiezen of te weigeren en heeft aanpassing voor die groepen daardoor grotere gevolgen dan voor anderen?