Einde inhoudsopgave
Informatierechten van aandeelhouders (IVOR nr. 134) 2024/1.2.1
1.2.1 Aanleiding en doel van het onderzoek; formulering onderzoeksvragen
mr. P.L. Hezer, datum 27-05-2024
- Datum
27-05-2024
- Auteur
mr. P.L. Hezer
- JCDI
JCDI:ADS971849:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Sinds 2000 zijn onder meer verschenen: Vletter-Van Dort (diss.) 2001; Frentrop (diss.) 2002; B. Bier, Uitkeringen aan aandeelhouders (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht deel 42) (diss. Rotterdam), Deventer: Kluwer 2003; G.J.C. Rensen, Extra-verplichtingen van leden en aandeelhouders (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut deel 83) (diss. Nijmegen), Deventer: Kluwer 2005; A.G.H. Klaassen, Bevoegdheden van de algemene vergadering van aandeelhouders (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht deel 60) (diss. Groningen), Deventer: Kluwer 2007; A. van der Krans, De virtuele aandeelhoudersvergadering (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht deel 64) (diss. Utrecht), Deventer: Kluwer 2009; P.P. de Vries, Exit rights of minority shareholders in a private limited company (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht deel 72) (diss. Groningen), Deventer: Kluwer 2010; M.C. Schouten, The decoupling of voting and economic ownership (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht deel 88) (diss. Amsterdam UvA), Deventer: Kluwer 2012; Wolf (diss.) 2013; J. Barneveld, Financiering en vermogensonttrekking door aandeelhouders (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut deel 120) (diss. Amsterdam UvA), Deventer: Kluwer 2014; T. Salemink, Uitkoop van minderheidsaandeelhouders (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut deel 125) (diss. Nijmegen), Deventer: Kluwer 2014; De Jongh (diss.) 2014; Kemp (diss.) 2015; M.B.F. Canisius en R.E.H. Canisius, Uitkeringen aan aandeelhouders in het nieuwe BV-recht (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut deel 127) (diss. Maastricht), Deventer: Kluwer 2015; Overkleeft (diss.) 2017; Oosterhoff (diss.) 2017; A.J.F. Lafarre, The AGM in Europe (diss. Tilburg), 2017; Garcia Nelen (diss.) 2020; en T.A. Keijzer, Vote and Value (Uitgave vanwege het Instituut voor Ondernemingsrecht deel 121) (diss. Rotterdam), Deventer: Wolters Kluwer 2020. Ik pretendeer met deze opsomming geen uitputtendheid.
Informatierechten van aandeelhouders zijn specifiek aan bod gekomen in Vletter-van Dort (diss.) 2001; en Van der Korst (diss.) 2007, hoofdstuk 11. In andere onderzoeken zijn deze hoogstens zijdelings behandeld.
De afgelopen jaren zijn verschillende academische studies verschenen waarin de rol en positie van aandeelhouders in Nederlandse kapitaalvennootschappen, althans de rechten verbonden aan aandelen, centraal stonden.1 Informatierechten van aandeelhouders zijn daarbij goeddeels onderbelicht gebleven.2 De aanleiding van dit onderzoek is gelegen in mijn wens een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van dit leerstuk en daarmee deze leemte in de Nederlandse doctrine aan te vullen. Ik meen daarmee te voldoen aan een behoefte uit de wetenschap en de praktijk. Hierin is ook de relevantie en het innoverend karakter van dit onderzoek gelegen.
Het doel van dit onderzoek is om een bijdrage te leveren aan de theorievorming over informatierechten van aandeelhouders in Nederlandse kapitaalvennootschappen. Op die manier tracht ik enige richting te geven bij de eeuwige zoektocht naar een evenwichtige regulering voor informatierechten van aandeelhouders. Dat brengt mij tot de volgende onderzoeksvragen en deelvragen:
Op welke wijze worden de informatierechten van aandeelhouders naar huidig Nederlands vennootschapsrecht gereguleerd?
Voor de beantwoording van deze vraag zijn de volgende deelvragen relevant:
Wat is de grondslag voor informatierechten van aandeelhouders?
In welke omstandigheden, en/of onder welke voorwaarden, kan een aandeelhouder aanspraak maken op informatie van de vennootschap? Komt in dat verband betekenis toe aan de open of besloten aard van het samenwerkingsverband?
In hoeverre kunnen betrokkenen zelf invulling geven aan de informatieverstrekking binnen de vennootschap door middel van contractuele afspraken?
Op welke wijze kan in het Nederlands recht een evenwichtige regulering van informatierechten van aandeelhouders zoveel mogelijk worden gewaarborgd?
Welke instrumenten staan aandeelhouders ter beschikking om hun informatierechten in rechte te handhaven bij een (dreigende) schending van die rechten?
Onderzoeksvraag (i) ziet op de analyse van het huidige Nederlandse recht. De deelvragen zien op de elementen van die analyse die mij het meest relevant voorkomen. Deze onderzoeksvraag vormt de basis van het onderzoek. Onderzoeksvraag (ii) ziet op de vraag welke instrumenten het Nederlands recht biedt om een evenwichtige regulering van informatierechten te waarborgen. Deze onderzoeksvraag vormt de kern van het onderzoek. Het vinden van dit evenwicht is de heilige graal in het onderzoek naar (de regulering van) informatierechten van aandeelhouders. Ik zal hier ook aandacht aan wijden in de slotbeschouwing bij het proefschrift. Ten slotte ziet onderzoeksvraag (iii) op het sluitstuk van deze studie, namelijk het sanctiearsenaal waarmee de toegang tot informatie zo nodig kan worden afgedwongen.