Einde inhoudsopgave
RvdW 1997, 111
HR, 25-04-1997, nr. 16259: Vavlie/Kester
HR 25-04-1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2354 (Vavlie/Kester)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 april 1997
- Magistraten
Snijders, Mijnssen, Korthals Altes, Jansen, De Savornin Lohman
- Zaaknummer
16259
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
ZC2354
- Roepnaam
Vavlie/Kester
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1997:ZC2354, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑04‑1997
- Wetingang
BW art. 3:7; BW art. 82
Essentie
Cessie van onbetaald gebleven vorderingen ter zake waarvan een claim op kredietverzekeraar bestaat. Claim geen afhankelijk recht.
Samenvatting
Nu de cedent vóór de cessie van de vorderingen ter zake van het onbetaald blijven van die vorderingen reeds een zelfstandige, afzonderlijk overdraagbare vordering tot schadevergoeding op de kredietverzekeraar had verkregen, levert een dergelijke zelfstandige vordering geen afhankelijk recht op dat in de cessie zou zijn begrepen.
Partij(en)
Vavlie Bloemenexport BV, te Honselersdijk, gemeente Naaldwijk, eiseres tot cassatie, adv. mr L.C. Blok,
tegen
Mr Reynaldus Nicolaas Adrianus Maria Kester, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.