Einde inhoudsopgave
RvdW 1997, 112
HR, 25-04-1997, nr. 16260
HR 25-04-1997, ECLI:NL:HR:1997:AI9538
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 april 1997
- Magistraten
Martens, Korthals Altes, Neleman, Herrmann, Jansen
- Zaaknummer
16260
- Conclusie
A-G Hartkamp
- LJN
AI9538
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1997:AI9538, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑04‑1997
- Wetingang
art. 2012 BW (oud)
Essentie
Consumptief krediet. Verjaring.
Samenvatting
Art. 2012 (oud) BW is van toepassing, wanneer de bij het jaar of een kortere termijn verschuldigde periodieke betalingen een element van aflossing en een element van rente bevatten zonder dat voor ieder element een afzonderlijk bedrag is aan te wijzen, en voor een splitsing achteraf is geen plaats, aangezien zulks zou leiden tot een te grote mate van rechtsonzekerheid (HR 20 november 1992, NJ 1993, 138). Dit is niet anders indien de Wet op het consumptief geldkrediet (WCG) van toepassing is, reeds omdat de schuldenaar dan niet minder bescherming geniet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.