Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden
Einde inhoudsopgave
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/IV.4.4.5:IV.4.4.5 (Geen) ei van Columbus?
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/IV.4.4.5
IV.4.4.5 (Geen) ei van Columbus?
Documentgegevens:
mr. T.R. Bleeker LLM, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
mr. T.R. Bleeker LLM
- JCDI
JCDI:ADS460152:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Hiermee refereer ik aan de opmerking van Timmerman in reactie op kritiek op de ernstig verwijtmaatstaf: hij schrijft dat hij in afwachting van een ei van Columbus niet ontevreden is met de huidige stand van zaken. Timmerman 2019, p. 246.
Zie hierover uitvoerig par. IV.5.3.2 onder A).
Waarover meer in par. IV.5.3.2 onder B).
Zie par. IV.5.5.
Toerekening krachtens schuld komt aan bod in par. IV.5.4.2.
Zie respectievelijk par. IV.5.6 en par. IV.5.7.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De terugkeer naar de gewone vereisten van de onrechtmatige daad, maakt de beoordeling van de aansprakelijkheid van bestuurders eenvoudiger, maar niet eenvoudig. Er is geen ei van Columbus;1 bestuurdersaansprakelijkheid is en zal altijd een genuanceerd en complex leerstuk blijven. Ook bij toepassing van de gewone onrechtmatige daad moeten soms lastige vragen worden beantwoord, bijvoorbeeld omtrent de vraag wie verantwoordelijk is voor de naleving van een bepaalde norm (kwalitatieve bestanddeel van onrechtmatigheid2); welke verplichtingen in concreto voortvloeien uit de norm (objectieve zijde onrechtmatigheid3); wiens belangen worden beschermd door de norm (relativiteit4); of de bestuurder gezien zijn hoedanigheid, kennis en ervaring had kunnen en moeten handelen conform de norm (toerekening op basis van schuld5); en welke schadelijke gevolgen de normschending heeft gehad voor een derde (schade en causaliteit6). Hoe groter en complexer de rechtspersoon waaraan de bestuurder leiding geeft, hoe lastiger deze vragen te beantwoorden zijn.
Maar juist omdat bestuurdersaansprakelijkheid zo veelzijdig en gecompliceerd is, is een heldere systematiek onmisbaar. Waarom moeilijk doen als het makkelijker kan? Mochten de rechtstheoretische en rechtspolitieke argumenten uit paragraaf IV.2 en IV.3 niet overtuigen, dan geeft het praktische argument hopelijk de doorslag om niet langer de ernstig verwijt-maatstaf toe te passen in bestuurdersaansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad. De gewone vereisten artikel 6:162 BW geven simpelweg meer houvast.
In de volgende paragraaf wordt de proef op de som genomen. Daar geef ik op basis van de gewone vereisten van de onrechtmatige daad handvatten voor de beoordeling van de milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden (waaronder bestuurders).